Art. 120 Richtlijn 2013/36/EU, Toezicht op gemengde financiële holdings
1. Indien een gemengde financiële holding onderworpen is aan gelijkwaardige bepalingen van zowel deze richtlijn als van Richtlijn 2002/87/EG, met name als het gaat om risicogebaseerd toezicht, kan de consoliderende toezichthouder, na overleg met de overige betrokken bevoegde autoriteiten die voor het toezicht op dochterondernemingen verantwoordelijk zijn, besluiten op de betrokken gemengde financiële holding alleen Richtlijn 2002/87/EG toe te passen.
2. Indien een gemengde financiële holding onderworpen is aan gelijkwaardige bepalingen van zowel deze richtlijn als van Richtlijn 2009/138/EG, met name in termen van risicogebaseerd toezicht, kan de consoliderende toezichthouder, in onderlinge overeenstemming met de groepstoezichthouder in de verzekeringssector, besluiten op de betrokken gemengde financiële holding alleen de bepalingen van deze richtlijn betreffende de belangrijkste financiële sector als gedefinieerd in artikel 3, punt 2, van Richtlijn 2002/87/EG toe te passen.
3. De consoliderende toezichthouder stelt de EBA en de EIOPA in kennis van de overeenkomstig de leden 1 en 2 genomen besluiten.
4. De EBA, de EIOPA en de ESMA stellen, via het in artikel 54 van de Verordeningen (EU) nr. 1093/2010, (EU) nr. 1094/2010 en (EU) nr. 1095/2010 bedoelde gemengde comité, richtsnoeren op die gericht zijn op het doen samen laten lopen van de toezichtpraktijken, en stellen uiterlijk drie jaar na de vaststelling van die richtsnoeren ontwerpen van technische reguleringsnormen op.
Aan de Commissie wordt de bevoegdheid gedelegeerd om de in de eerste alinea bedoelde technische reguleringsnormen vast te stellen overeenkomstig de artikelen 10 tot en met 14 van de Verordeningen (EU) nr. 1093/2010, (EU) nr. 1094/2010 en (EU) nr. 1095/2010.