Art. 12 Verordening (EU) nr. 1227/2011, Operationele betrouwbaarheid

Verordening (EU) nr. 1227/2011

1. Het Agentschap waarborgt het vertrouwelijke karakter, de integriteit en de bescherming van de informatie die op grond van artikel 4, lid 2, en artikelen 8 en 10 wordt ontvangen. Het Agentschap neemt alle maatregelen die nodig zijn om elk misbruik van of ongeoorloofde toegang tot de in zijn systemen bewaarde informatie te voorkomen.

Nationale regulerende instanties, bevoegde financiële autoriteiten van de lidstaten, de nationale mededingingsautoriteiten, ESMA en andere betrokken instanties, waarborgen de vertrouwelijkheid, integriteit en bescherming van informatie die zij ontvangen overeenkomstig artikel 4, lid 2, artikel 7, lid 2, artikel 8, lid 5, of artikel 10 ontvangen en treffen maatregelen om misbruik van dergelijke informatie te voorkomen.

Het Agentschap stelt bronnen van operationele risico's vast en beperkt deze tot een minimum door de ontwikkeling van passende systemen, controles en procedures.

2. Onverminderd de voorwaarden van artikel 17, kan het Agentschap beslissen delen van de verkregen informatie publiek toegankelijk te maken op voorwaarde dat geen commercieel gevoelige informatie over afzonderlijke marktdeelnemers, transacties of markten openbaar wordt gemaakt of kan worden afgeleid.

Het Agentschap stelt zijn databank met niet commercieel gevoelige handelsgegevens open voor wetenschappelijke doeleinden, mits wordt voldaan aan eisen inzake vertrouwelijkheid.

Informatie wordt openbaar gemaakt of beschikbaar gesteld in het belang van een grotere transparantie van de groothandelsmarkten voor energie, mits dit waarschijnlijk geen verstoring van de mededinging op deze energiemarkten veroorzaakt.

Het Agentschap verspreidt de informatie op billijke wijze overeenkomstig transparante regels die hij openbaar zal maken.

Vorige artikelen

Volgende artikelen