Art. 40 Verordening (EU) nr. 1095/2010, Samenstelling

Verordening (EU) nr. 1095/2010

1. De raad van toezichthouders bestaat uit:

a) de voorzitter, zonder stemrecht;

b) de hoofden van de nationale overheidsinstanties die in de lidstaten bevoegd zijn voor het toezicht op kredietinstellingen in elke lidstaat; deze hoofden ontmoeten elkaar ten minste tweemaal per jaar persoonlijk;

c) één vertegenwoordiger, zonder stemrecht, van de Commissie;

d) één vertegenwoordiger, zonder stemrecht, van het ESRB;

e) één vertegenwoordiger, zonder stemrecht, van elk van beide andere Europese toezichthoudende autoriteiten.

2. De raad van toezichthouders belegt regelmatig vergaderingen met de Stakeholdergroep effecten en markten, en wel ten minste tweemaal per jaar.

3. Elke bevoegde autoriteit is verantwoordelijk voor de voordracht uit haar midden van een plaatsvervanger op hoog niveau die het in lid 1, onder b), bedoelde lid van de raad van toezichthouders kan vervangen wanneer die persoon niet aanwezig kan zijn.

4. In lidstaten waar meer dan één autoriteit bevoegd is voor het toezicht op grond van deze verordening, worden die autoriteiten het eens over een gemeenschappelijke vertegenwoordiger. Ingeval een door de raad van toezichthouders te behandelen aangelegenheid niet onder de bevoegdheid valt van de nationale autoriteit die door het in lid 1, onder b), bedoelde lid wordt vertegenwoordigd, kan dat lid zich laten vergezellen door een, niet stemgerechtigde, vertegenwoordiger van de relevante nationale autoriteit.

5. Het in lid 1, onder b), bedoelde lid van de raad van toezichthouders kan, indien hij binnen het toepassingsgebied van Richtlijn 97/9/EG moet handelen, zich in voorkomend geval laten vergezellen door een, niet stemgerechtigde, vertegenwoordiger van de relevante organen die in elke lidstaat de beleggerscompensatieregelingen beheren.

6. De raad van toezichthouders kan besluiten waarnemers toe te laten.

De uitvoerend directeur kan zonder stemrecht aan de vergaderingen van de raad van toezichthouders deelnemen.