Art. 5 Verordening (EU) nr. 1092/2010, Voorzitter en vicevoorzitters van het ESRB

Verordening (EU) nr. 1092/2010

1. Het ESRB wordt voor een periode van vijf jaar na de inwerkingtreding van deze verordening voorgezeten door de president van de ECB. Daarna wordt de voorzitter van het ESRB aangewezen volgens de nadere bepalingen die op basis van de in artikel 20 bedoelde evaluatie worden vastgesteld.

2. De eerste vicevoorzitter wordt door de leden van de algemene raad van de ECB uit hun midden gekozen voor een termijn van vijf jaar, rekening houdend met de noodzaak van evenwichtige vertegenwoordiging van lidstaten in het algemeen en tussen lidstaten die de euro als munt hebben en lidstaten die de euro niet als munt hebben. De eerste vicevoorzitter kan éénmaal worden herkozen.

3. De tweede vicevoorzitter is de voorzitter van het Gemengd Comité, zoals benoemd overeenkomstig artikel 55, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1093/2010, Verordening (EU) nr. 1094/2010 en Verordening (EU) nr. 1095/2010.

4. De voorzitter en de vicevoorzitters lichten op een openbare hoorzitting van het Europees Parlement toe hoe zij voornemens zijn hun taken uit hoofde van deze verordening uit te oefenen.

5. De voorzitter zit de vergaderingen van de algemene raad en van het stuurcomité voor.

6. Als de voorzitter een vergadering niet kan bijwonen, zitten de vicevoorzitters, in volgorde van rangorde, de vergaderingen van de algemene raad en/of van het stuurcomité voor.

7. Als de ambtstermijn van een lid van de algemene raad van de ECB dat als eerste vicevoorzitter is verkozen, verstrijkt vóór het einde van de termijn van vijf jaar, of als de eerste vicevoorzitter om welke reden ook zijn taken niet kan vervullen, wordt overeenkomstig lid 2 een nieuwe eerste vicevoorzitter verkozen.

8. De voorzitter vertegenwoordigt het ESRB naar buiten toe.

Vorige artikelen

Volgende artikelen