Art. 3 Richtlijn 2010/76/EU, Omzetting
1. De lidstaten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om:
a) uiterlijk 1 januari 2011 te voldoen aan de punten 3, 4, 16 en 17 van artikel 1, en punt 1, punt 2, onder c), punt 3, punt 5, onder b), iii) van bijlage I; en
b) uiterlijk 31 december 2011 te voldoen aan alle bepalingen van deze richtlijn, met uitzondering van die vermeld in punt a).
Wanneer de lidstaten de in dit lid bedoelde bepalingen vaststellen, wordt in de bepalingen zelf of bij de officiële bekendmaking daarvan naar deze richtlijn verwezen. De regels voor verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.
2. Met betrekking tot in 2010 verrichte diensten moeten kredietinstellingen, op grond van de wettelijke, bestuursrechtelijke en administratieve bepalingen die vereist zijn om te voldoen aan punt 1 van bijlage I, de daarin opgenomen beginselen toepassen op:
i) beloningen uit hoofde van contracten die gesloten zijn vóór de daadwerkelijke datum van vankrachtwording in iedere lidstaat en die na die datum zijn toegekend of uitbetaald; en
ii) beloningen die zijn toegekend, maar nog niet betaald, vóór de daadwerkelijke datum van vankrachtwording in iedere lidstaat.
3. De lidstaten delen de Commissie de tekst van de belangrijkste bepalingen van intern recht mee die zij op het waarop deze richtlijn van toepassing is, vaststellen.