Art. 79 Verordening (EG) nr. 1224/2009, Communautaire inspecteurs
Verordening (EG) nr. 1224/2009
1. De Commissie stelt een lijst van communautaire inspecteurs op volgens de in artikel 119 bedoelde procedure.
2. Onverminderd de primaire verantwoordelijkheid van de kustlidstaten mogen de communautaire inspecteurs overeenkomstig deze verordening inspecties uitvoeren in communautaire wateren en op communautaire vissersvaartuigen buiten de communautaire wateren.
3. Communautaire inspecteurs kunnen worden aangewezen in het kader van:
a) de uitvoering van de overeenkomstig artikel 95 vastgestelde specifieke controle- en inspectieprogramma’s;
b) internationale visserijcontroleprogramma’s, ingeval de Gemeenschap verplicht is controles te verrichten.
4. Voor het uitvoeren van hun taken krijgen de communautaire inspecteurs, met inachtneming van lid 5, onmiddellijk toegang tot:
a) alle ruimten aan boord van communautaire vissersvaartuigen en andere vaartuigen die visserijactiviteiten uitoefenen, openbare gebouwen of plaatsen, middelen van vervoer; en
b) alle informatie en documenten die zij voor het vervullen van hun taken nodig hebben, in het bijzonder het visserijlogboek, de aangiften van aanlanding, vangstcertificaten, de aangifte van overlading, verkoopdocumenten en andere ter zake doende stukken,
en wel in dezelfde mate en volgens dezelfde voorwaarden als de functionarissen van de lidstaat waar de inspectie plaatsvindt.
5. Communautaire inspecteurs hebben buiten het grondgebied van hun lidstaat van herkomst, of buiten de communautaire wateren die onder de soevereiniteit en de jurisdictie van hun lidstaat vallen, geen politiebevoegdheden of handhavingsbevoegdheden.
6. Functionarissen van de Commissie of van de door haar aangewezen instantie die als communautair inspecteur worden aangewezen, hebben geen politiebevoegdheden of handhavingsbevoegdheden.
7. De bepalingen ter uitvoering van dit artikel worden vastgesteld volgens de in artikel 119 bedoelde procedure.