Art. 84 Verordening (EG) nr. 1224/2009, Strengere vervolgmaatregelen bij bepaalde ernstige inbreuken

Verordening (EG) nr. 1224/2009

1. De vlaggenlidstaat of de kustlidstaat in de wateren waarvan een vissersvaartuig ervan wordt verdacht:

a) vangsten van onder een meerjarenplan vallende bestanden van meer dan 500 kg of 10 % van de in het visserijlogboek geregistreerde vangsten, indien deze hoeveelheid groter is, onjuist te hebben geregistreerd; of

b) binnen een jaar na een eerste dergelijke ernstige inbreuk één van de in artikel 42 van Verordening (EG) nr. 1005/2008 of in artikel 90, lid 1, van deze verordening genoemde ernstige inbreuken te hebben begaan,

mag, naast de in hoofdstuk IX van Verordening (EG) nr. 1005/2008 genoemde maatregelen, eisen dat het vissersvaartuig onverwijld een haven aandoet voor een volledig onderzoek.

2. De kustlidstaat stelt de vlaggenlidstaat onverwijld en in overeenstemming met zijn nationale wettelijke procedures in kennis van het in lid 1 bedoelde onderzoek.

3. Functionarissen mogen aan boord van het vissersvaartuig blijven totdat een volledig onderzoek als bedoeld in lid 1 is uitgevoerd.

4. De kapitein van het in de lid 1 bedoelde vissersvaartuig beëindigt alle visserijactiviteiten en doet een haven aan indien hem is verzocht dat te doen.