Art. 60, Weging van visserijproducten
1. De lidstaten zien erop toe dat alle visserijproducten worden gewogen op door de bevoegde autoriteiten goedgekeurde systemen, tenzij een lidstaat een door de Commissie goedgekeurd steekproevenplan heeft aangenomen dat is gebaseerd op de risicogebaseerde methode die de Commissie overeenkomstig de procedure in artikel 119 heeft aangenomen.
2. Onverminderd bijzondere bepalingen wordt de weging uitgevoerd bij de aanlanding, voordat de visserijproducten worden opgeslagen, vervoerd of verkocht.
3. Bij wijze van afwijking van lid 2 mogen de lidstaten toestaan dat visserijproducten aan boord van het vissersvaartuig worden gewogen volgens een in lid 1 bedoeld steekproevenplan.
4. Geregistreerde kopers, geregistreerde visafslagen of andere instanties of personen die verantwoordelijk zijn voor de eerste afzet van visserijproducten in een lidstaat, zijn verantwoordelijk voor de nauwkeurigheid van de weging tenzij, overeenkomstig lid 3, het wegen aan boord van het vissersvaartuig gebeurt en de kapitein dus verantwoordelijk is.
5. De weegresultaten worden gebruikt voor de invulling van de aangiften van aanlanding, het vervoersdocument, de verkoopdocumenten en de aangiften van overname.
6. De bevoegde autoriteiten van een lidstaat kunnen verlangen dat hoeveelheden visserijproducten die voor het eerst worden aangeland in die lidstaat in aanwezigheid van functionarissen worden gewogen voordat ze vanaf de plaats van aanlanding naar elders worden vervoerd.
7. Nadere bepalingen voor de risicogebaseerde weegmethode en -procedure kunnen worden vastgesteld volgens de in artikel 119 bedoelde procedure.