Art. 40 Verordening (EG) nr. 1224/2009, Certificering van het motorvermogen
Verordening (EG) nr. 1224/2009
1. De lidstaten zijn verantwoordelijk voor het certificeren van het motorvermogen en het afgeven van motorcertificaten voor communautaire vissersvaartuigen met een motor met een voortstuwingsvermogen van meer dan 120 kilowatt (kW), behalve voor vaartuigen die uitsluitend passief vistuig of dreggen gebruiken, ondersteunende vaartuigen en uitsluitend in de aquacultuur gebruikte vaartuigen.
2. Voor een nieuwe voortstuwingsmotor, een ruilvoortstuwingsmotor en een technisch gewijzigde voortstuwingsmotor van de in lid 1 bedoelde vissersvaartuigen verstrekken de bevoegde autoriteiten van de lidstaten een officiële certificering waaruit blijkt dat die motor geen groter maximaal continu motorvermogen kan ontwikkelen dan het vermogen dat op het motorcertificaat staat. Een dergelijk certificaat wordt uitsluitend verstrekt als de motor niet in staat is meer dan het vermelde maximaal continu motorvermogen te ontwikkelen.
3. De bevoegde autoriteiten van de lidstaten mogen de certificering van het motorvermogen uitbesteden aan classificatiebureaus of aan andere marktdeelnemers die over de nodige expertise beschikken om het motorvermogen technisch te beoordelen. Deze classificatiebureaus of andere marktdeelnemers mogen alleen certificeren dat een voortstuwingsmotor het officieel vermelde vermogen niet kan overschrijden als het onmogelijk is de prestatie van de voortstuwingsmotor tot boven het gecertificeerde vermogen op te drijven.
4. Het is verboden een nieuwe aandrijfmotor, een ruilaandrijfmotor of een technisch gewijzigde aandrijfmotor te gebruiken wanneer een dergelijke motor geen officiële certificering van de lidstaat in kwestie heeft gekregen.
5. Op vissersvaartuigen waarvoor een visserijinspanningsregeling geldt, is dit artikel met ingang van 1 januari 2012 van toepassing. Voor andere vissersvaartuigen is het van toepassing vanaf 1 januari 2013.
6. De bepalingen ter uitvoering van dit artikel worden vastgesteld volgens de in artikel 119 bedoelde procedure.