Art. 35 Verordening (EG) nr. 1224/2009, Sluiting van de visserij door de lidstaten
Verordening (EG) nr. 1224/2009
1. Elke lidstaat stelt de datum vast waarop:
a) de door vissersvaartuigen die zijn vlag voeren gemaakte vangsten uit een bestand of groep bestanden waarvoor een quotum geldt, worden geacht dat quotum te hebben opgebruikt;
b) de voor een vistuig of een visserijtak en een geografisch gebied vastgestelde maximaal toelaatbare visserijinspanning die geldt voor alle vissersvaartuigen die zijn vlag voeren of voor een groep daarvan, wordt geacht te zijn bereikt.
2. De betrokken lidstaat verbiedt alle vissersvaartuigen die zijn vlag voeren of een deel daarvan met ingang van de in lid 1 bedoelde datum te vissen, hetzij op het bestand of de groep bestanden waarvan de quota uitgeput zijn, in de betrokken visserijtak, hetzij met aan boord het betreffende vistuig in het geografische gebied waar de maximale visserijinspanning bereikt is, en verbiedt in het bijzonder vis die na deze datum gevangen is, aan boord te houden, over te laden, te verplaatsen of aan te landen, en bepaalt tot welke datum overladingen, overbrengingen en aanlandingen mogen plaatsvinden en de laatste vangstaangiften mogen worden ingediend.
3. De betrokken lidstaat maakt het in lid 2 bedoelde besluit bekend en deelt het onmiddellijk aan de Commissie mee. Het besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie (C-reeks) en op de website van de Commissie. Vanaf de datum waarop de betrokken lidstaat zijn besluit heeft bekendgemaakt, zien de lidstaten erop toe dat geen van de vissersvaartuigen die de vlag van de betrokken lidstaat voeren of groepen daarvan, in hun wateren en op hun grondgebied hetzij de betrokken vis aan boord houdt, overlaadt, verplaatst of aanlandt, hetzij het betrokken vistuig aan boord heeft in de betrokken geografische gebieden.
4. De Commissie stelt de kennisgevingen die zij op grond van dit artikel heeft ontvangen, elektronisch ter beschikking van de lidstaten.