Art. 8 Verordening (EG) nr. 713/2009, Voorwaarden inzake de toegang tot en de operationele veiligheid van grensoverschrijdende infrastructuur

Verordening (EG) nr. 713/2009

1. Voor grensoverschrijdende infrastructuur neemt het agentschap uitsluitend besluiten over reguleringskwesties die vallen onder de bevoegdheid van de nationale regulerende instanties, waartoe de voorwaarden voor toegang en operationele veiligheid kunnen behoren:

a) indien de bevoegde nationale regulerende instanties niet in staat zijn gebleken binnen een periode van zes maanden na de datum waarop het geval naar de laatste van deze regulerende instanties is verwezen, overeenstemming te bereiken; of

b) in reactie op een gezamenlijk verzoek van de bevoegde nationale regulerende instanties.

De bevoegde nationale regulerende instanties kunnen gezamenlijk verzoeken dat de onder a) bedoelde periode met maximaal zes maanden wordt verlengd.

Bij de voorbereiding van zijn beslissing raadpleegt het agentschap de betrokken nationale regulerende instanties en transmissiesysteembeheerders en wordt het ingelicht over de voorstellen en opmerkingen van alle betrokken transmissiesysteembeheerders.

2. De toegangsvoorwaarden voor de grensoverschrijdende infrastructuur omvatten:

a) een procedure voor de toewijzing van capaciteit;

b) een tijdschema’s voor de toewijzing;

c) het delen van ontvangsten uit congestie; en

d) het aanrekenen van tarieven bij de gebruikers van de infrastructuur, bedoeld in artikel 17, lid 1, onder d), van Verordening (EG) nr. 714/2009 of artikel 36, lid 1, onder d), van Richtlijn 2009/73/EG.

3. Indien een geval krachtens lid 1 naar het agentschap is verwezen, neemt het agentschap:

a) binnen zes maanden vanaf de datum van de verwijzing een besluit; en

b) indien noodzakelijk een voorlopig besluit om de voorzieningszekerheid of de operationele veiligheid van de desbetreffende infrastructuurvoorziening te waarborgen.

4. De Commissie kan richtsnoeren vaststellen ten aanzien van die situaties waarin het agentschap de bevoegdheid krijgt om te besluiten over de voorwaarden inzake toegang tot en operationele veiligheid van de grensoverschrijdende infrastructuur. Deze maatregelen, die niet-essentiële onderdelen van deze verordening beogen te wijzigen door haar aan te vullen, worden vastgesteld volgens de in artikel 32, lid 2, van deze verordening bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing.

5. Indien de in lid 1 bedoelde reguleringskwesties tevens betrekking hebben op vrijstellingen in de zin van artikel 17 van Verordening (EG) nr. 714/2009 of ontheffingen in de zin van artikel 36 van Richtlijn 2009/73/EG, is geen cumulatie mogelijk van de termijn van de onderhavige verordening en de in die bepalingen voorziene termijnen.

Verwijst naar

Uitspraken die dit artikel aanhalen

Vorige artikelen

Volgende artikelen