Art. 7 Verordening (EG) nr. 713/2009, Taken in verband met de nationale regulerende instanties

Verordening (EG) nr. 713/2009

1. Het agentschap neemt de individuele beslissingen over technische aangelegenheden die vereist zijn krachtens Richtlijn 2009/72/EG, Richtlijn 2009/73/EG, Verordening (EG) nr. 714/2009 of Verordening (EG) nr. 715/2009.

2. Het agentschap mag op basis van zijn werkprogramma of op verzoek van de Commissie aanbevelingen doen om de uitwisseling van deugdelijke werkmethoden onder regulerende instanties en marktpartijen te bevorderen.

3. Het agentschap zorgt voor een kader waarbinnen nationale regulerende instanties kunnen samenwerken. Het bevordert de samenwerking tussen de nationale regulerende instanties en tussen de regulerende instanties op regionaal en communautair niveau en houdt, wanneer het adviezen, aanbevelingen en besluiten opstelt, terdege rekening met het resultaat van deze samenwerking. Wanneer het agentschap bindende voorschriften voor een dergelijke samenwerking nodig acht, richt het tot de Commissie aanbevelingen ter zake.

4. Het agentschap brengt op verzoek van een regulerende instantie of de Commissie advies uit, op feitelijke gronden, over de vraag of een besluit van een regulerende instantie in overeenstemming is met de richtsnoeren als bedoeld in Richtlijn 2009/72/EG, Richtlijn 2009/73/EG, Verordening (EG) nr. 714/2009 of Verordening (EG) nr. 715/2009 of met andere relevante bepalingen van deze richtlijnen of verordeningen.

5. Wanneer een nationale regulerende instantie niet binnen vier maanden na de ontvangst van het in lid 4 bedoelde advies van het agentschap hieraan voldoet, stelt het agentschap de Commissie en de betreffende lidstaat daarvan in kennis.

6. Wanneer een nationale regulerende instantie in een concrete situatie niet goed weet hoe zij de richtsnoeren als bedoeld in Richtlijn 2009/72/EG, Richtlijn 2009/73/EG, Verordening (EG) nr. 714/2009 of Verordening (EG) nr. 715/2009 moet toepassen, kan zij het agentschap om advies vragen. Na advies van de Commissie brengt het agentschap binnen drie maanden na ontvangst van dergelijke vraag advies uit.

7. Het agentschap neemt overeenkomstig artikel 8 een besluit inzake de voorwaarden voor toegang tot en de operationele veiligheid van infrastructuur voor elektriciteit en gas die ten minste twee lidstaten verbindt of kan verbinden („grensoverschrijdende infrastructuur”).

Verwijst naar

Vorige artikelen

Volgende artikelen