Art. 6 Richtlijn 2009/142/EG
1. Indien een lidstaat of de Commissie van mening is dat de in artikel 5, lid 1, bedoelde normen niet geheel voldoen aan de fundamentele voorschriften van bijlage I, legt de Commissie of de betrokken lidstaat onder opgave van de redenen de zaak voor aan het bij artikel 5 van Richtlijn 98/34/EG ingestelde Permanent Comité, hierna „het Comité” te noemen.
Het Comité brengt onverwijld advies uit.
In het licht van het advies van het Comité stelt de Commissie de lidstaten ervan in kennis of de betrokken normen al dan niet uit de in artikel 5, lid 2, eerste alinea, bedoelde publicaties geschrapt moeten worden.
2. Na ontvangst van de in artikel 5, lid 2, tweede alinea, bedoelde mededeling raadpleegt de Commissie het Comité.
Na ontvangst van het advies van het Comité stelt de Commissie binnen een maand de lidstaten ervan in kennis of voor de desbetreffende nationale norm(en) het vermoeden van overeenstemming geldt. Indien dit het geval is, maken de lidstaten de referentienummers van deze normen bekend.
De Commissie publiceert de referentienummers ook in het Publicatieblad van de Europese Unie.