Art. 37 Richtlijn 2009/138/EG, Opslagfactor van het kapitaalvereiste

Richtlijn 2009/138/EG

1. Als vervolg op het toezichtsproces kunnen de toezichthoudende autoriteiten in uitzonderlijke omstandigheden in een met redenen omkleed besluit voor een verzekerings- of herverzekeringsonderneming een kapitaalopslagfactor van de kapitaalvereiste (capital add-on) vaststellen. Deze mogelijkheid doet zich alleen in de volgende gevallen voor:

a) de toezichthoudende autoriteit komt tot de conclusie dat het risicoprofiel van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming significant afwijkt van de aannames die ten grondslag liggen aan het solvabiliteitskapitaalvereiste zoals dit met de standaardformule overeenkomstig hoofdstuk VI, afdeling 4, onderafdeling 2, is berekend, en:

i) de vereiste overeenkomstig artikel 119 om een intern model te gebruiken, is niet aangewezen of is ondoeltreffend gebleken; of

ii) in overeenstemming met artikel 119 een gedeeltelijk of volledig intern model wordt ontwikkeld;

b) de toezichthoudende autoriteit komt tot de conclusie dat het risicoprofiel van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming significant afwijkt van de aannames die ten grondslag liggen aan het solvabiliteitskapitaalvereiste zoals dit met een intern model of een gedeeltelijk intern model overeenkomstig hoofdstuk VI, afdeling 4, onderafdeling 3, is berekend, omdat met bepaalde kwantificeerbare risico’s onvoldoende rekening wordt gehouden en het niet binnen een passend tijdskader gelukt is om het model beter af te stemmen op het gegeven risicoprofiel; of

c) de toezichthoudende autoriteit komt tot de conclusie dat het governancesysteem van een verzekerings- of herverzekeringsonderneming significant afwijkt van de normen van hoofdstuk IV, afdeling 2, dat zij door deze afwijkingen niet in staat is de risico’s waaraan de onderneming blootstaat of blootgesteld zou kunnen worden, op correcte wijze te onderkennen, te meten, te bewaken, te beheren en te rapporteren, en dat er geen andere maatregelen zijn die binnen een passend tijdskader tot voldoende verbetering zouden leiden.

2. In de in lid 1, onder a) en b), van dit artikel genoemde gevallen wordt de opslagfactor zo berekend dat gewaarborgd is dat de onderneming voldoet aan artikel 101, lid 3.

In de in lid 1, onder c), van dit artikel genoemde gevallen staat de opslagfactor in verhouding tot de materiële risico’s die voortvloeien uit de tekortkomingen die aanleiding hebben gegeven tot het besluit van de toezichthoudende autoriteit om de opslagfactor vast te stellen.

3. In de in lid 1, onder b) en c), genoemde gevallen zorgt de toezichthoudende autoriteit ervoor dat de verzekerings- of herverzekeringsonderneming alles in het werk stelt om de tekortkomingen te verhelpen die geleid hebben tot de toepassing van een opslagfactor.

4. De opslagfactor als bedoeld in lid 1, wordt ten minste eenmaal per jaar door de toezichthoudende autoriteit geëvalueerd en wordt opgeheven wanneer de onderneming de tekortkomingen heeft verholpen die tot de toepassing van deze factor geleid hebben.

5. Het inadequate solvabiliteitskapitaalvereiste wordt vervangen door het solvabiliteitskapitaalvereiste na toepassing van de opslagfactor.

Onverminderd de eerste alinea wordt bij de berekening van de risicomarge als bedoeld in artikel 77, lid 5, het solvabiliteitskapitaalvereiste vóór toepassing van de overeenkomstig lid 1, onder c), opgelegde opslagfactor gebruikt.

6. De Commissie stelt uitvoeringsmaatregelen vast waarin nadere invulling wordt gegeven aan de omstandigheden waaronder een opslagfactor van het kapitaalvereiste mag worden toegepast, en aan de methoden voor de berekening ervan.

Deze maatregelen die beogen niet-essentiële onderdelen van deze richtlijn te wijzigen, door deze aan te vullen, worden vastgesteld volgens de regelgevingsprocedure met toetsing van artikel 301, lid 3.