Art. 215 Richtlijn 2009/138/EG, Uiteindelijke moederonderneming op Gemeenschapsniveau
1. Ingeval de in artikel 213, lid 2, onder a) en b), bedoelde deelnemende verzekerings- of herverzekeringsonderneming of verzekeringsholding zelf een dochteronderneming van een andere verzekerings- of herverzekeringsonderneming of van een andere verzekeringsholding met hoofdkantoor in de Gemeenschap is, zijn de artikelen 218 tot en met 258 alleen van toepassing op het niveau van de uiteindelijke moederverzekerings- of -herverzekeringsonderneming of verzekeringsholding met hoofdkantoor in de Gemeenschap.
2. Ingeval de in lid 1 bedoelde uiteindelijke moederverzekerings- of -herverzekeringsonderneming of verzekeringsholding met hoofdkantoor in de Gemeenschap een dochteronderneming van een overeenkomstig artikel 5, lid 2, van Richtlijn 2002/87/EG aan aanvullend toezicht onderworpen onderneming is, kan de groepstoezichthouder, na overleg met de andere betrokken toezichthoudende autoriteiten, besluiten op het niveau van deze uiteindelijke moederonderneming het in artikel 244 bedoelde toezicht op de risicoconcentratie, het in artikel 245 bedoelde toezicht op intragroeptransacties of beide niet uit te oefenen.