Art. 210 Richtlijn 2009/138/EG, Finite herverzekering
1. De lidstaten dragen er zorg voor dat verzekerings- en herverzekeringsondernemingen die finite herverzekeringsovereenkomsten sluiten of finite herverzekeringsactiviteiten uitoefenen, in staat zijn de uit deze overeenkomsten of activiteiten voortvloeiende risico’s naar behoren te onderkennen, te meten, te bewaken, te beheren, te beheersen en te rapporteren.
2. Om te garanderen dat ten aanzien van finite herverzekeringsactiviteiten een geharmoniseerde benadering wordt gevolgd, kan de Commissie uitvoeringsmaatregelen aannemen waarin nadere invulling wordt gegeven aan het bepaalde in lid 1 met betrekking tot de bewaking, het beheer en de beheersing van risico’s die uit finite herverzekeringsactiviteiten voortvloeien.
Deze maatregelen die beogen niet-essentiële onderdelen van deze richtlijn te wijzigen, onder meer door deze aan te vullen, worden vastgesteld volgens de regelgevingsprocedure met toetsing van artikel 301, lid 3.
3. In de zin van de leden 1 en 2 wordt onder „finite herverzekering” verstaan een herverzekering krachtens welke het expliciete maximale verliespotentieel, uitgedrukt als hoogste overgedragen economisch risico, dat voortvloeit uit een significante overdracht van zowel verzekeringstechnische risico’s als tijdsrisico, hoger is, voor een beperkt maar significant bedrag, dan de premie geldend voor de volledige looptijd van de overeenkomst, in combinatie met ten minste een van de volgende kenmerken:
a) op nadrukkelijke en concrete wijze rekening houden met de tijdswaarde van het geld;
b) contractuele bepalingen met als bedoeling de verdeling van de economische effecten tussen de twee partijen in de tijd te effenen met het oog op het bereiken van het nagestreefde niveau van risico-overdracht.