Art. 34 De algemene groepsvrijstellingsverordening, Steun voor onderzoek en ontwikkeling in de landbouw- en visserijsector
Verordening (EG) nr. 800/2008 (De algemene groepsvrijstellingsverordening)
1. Steun aan onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten met betrekking tot in Bijlage I bij het Verdrag opgenomen producten is verenigbaar met de gemeenschappelijke markt in de zin van artikel 87, lid 3, van het Verdrag en is van de aanmeldingsverplichting van artikel 88, lid 3, van het Verdrag vrijgesteld, mits aan de in de leden 2 tot en met 7, van dit artikel vastgestelde voorwaarden is voldaan.
2. De steun is van belang voor alle marktdeelnemers in de betrokken sector of subsector.
3. Voordat met het onderzoek wordt aangevangen, wordt op het internet bekendgemaakt dat onderzoek zal worden uitgevoerd, en wat daarvan het doel is. Voorts moet worden bekendgemaakt wanneer de resultaten ongeveer worden verwacht en waar zij op het internet zullen worden bekendgemaakt alsmede dat de resultaten kosteloos beschikbaar zullen zijn.
De onderzoekresultaten zijn gedurende een periode van ten minste vijf jaar op het internet beschikbaar. Zij mogen niet later op het internet worden bekendgemaakt dan de gegevens die de leden van een specifieke organisatie worden verstrekt;
4. De steun wordt rechtstreeks aan de onderzoeksorganisatie verleend en mag niet bestaan in met onderzoek verband houdende steun die rechtstreeks wordt verleend aan een onderneming die landbouwproducten produceert, verwerkt of afzet, noch in prijsondersteuning voor producenten van landbouwproducten.
5. De steunintensiteit bedraagt niet meer dan 100 % van de in aanmerking komende kosten.
6. De in aanmerking komende kosten zijn de in artikel 31, lid 5, bedoelde kosten.
7. Steun aan onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten met betrekking tot in Bijlage I bij het Verdrag opgenomen producten die niet aan de in dit artikel vastgestelde voorwaarden voldoet, is verenigbaar met de gemeenschappelijke markt in de zin van artikel 87, lid 3, onder c), van het Verdrag en is van de aanmeldingsverplichting van artikel 88, lid 3, van het Verdrag vrijgesteld, mits aan de in de artikelen 30, 31 en 32 van deze Verordening vastgestelde voorwaarden is voldaan.