Art. 22 Verordening (EG) nr. 216/2008, Certificering van vluchtuitvoeringen

Verordening (EG) nr. 216/2008

1. Het Agentschap reageert zonder nodeloze vertraging op problemen die de veiligheid van vluchtuitvoeringen in het gedrang brengen door corrigerende maatregelen vast te stellen en desbetreffende informatie te verspreiden, mede onder de lidstaten.

2. Met betrekking tot de vliegtijdbeperking:

a) geeft het Agentschap de toepasselijke certificeringsspecificaties af, om te garanderen dat essentiële eisen en, voor zover van toepassing, de desbetreffende uitvoeringsvoorschriften worden nageleefd. In eerste instantie omvatten de uitvoeringsvoorschriften alle materiële bepalingen van subdeel Q van bijlage III bij Verordening (EEG) nr. 3922/91, rekening houdend met de nieuwste wetenschappelijke en technische bewijzen;

b) kan een lidstaat afzonderlijke vliegtijdspecificatieschema’s erkennen die afwijken van de onder a) bedoelde certificeringsspecificaties. In dat geval stelt de lidstaat het Agentschap, de Commissie en de andere lidstaten onverwijld in kennis van zijn voornemen om goedkeuring te verlenen voor een dergelijk afzonderlijk schema;

c) na de kennisgeving beoordeelt het Agentschap het afzonderlijke schema binnen een maand op basis van een wetenschappelijke en medische evaluatie. Daarna kan de betreffende lidstaat de goedkeuring verlenen voor het schema zoals kennisgegeven, tenzij het Agentschap het schema met die lidstaat heeft besproken en wijzigingen hierop heeft voorgesteld. Indien de lidstaat met deze wijzigingen instemt, mag hij de goedkeuring dienovereenkomstig verlenen;

d) in geval van onvoorziene dringende operationele omstandigheden of operationele behoeften van beperkte duur en niet-herhalende aard, kunnen voorlopig vrijstellingen voor certificeringsspecificaties worden verleend totdat het Agentschap advies heeft uitgebracht;

e) indien een lidstaat het niet eens is met de conclusies van het Agentschap inzake een afzonderlijk schema, verwijst het de zaak naar de Commissie die, overeenkomstig de in artikel 65, lid 3, bedoelde procedure, besluit of dat schema voldoet aan de veiligheidsdoelstellingen van deze verordening;

f) de inhoud van afzonderlijke schema’s die het Agentschap kan aanvaarden of met betrekking tot welke de Commissie overeenkomstig punt e) een positief besluit heeft genomen, wordt openbaar gemaakt.