Art. 21

1. Accijnsgoederen worden uitsluitend als overgebracht onder een accijnsschorsingsregeling aangemerkt indien de overbrenging geschiedt onder dekking van een elektronisch administratief document dat is opgesteld overeenkomstig de leden 2 en 3.

2. Voor de toepassing van lid 1 van dit artikel dient de afzender een voorlopig elektronisch administratief document in bij de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van verzending met behulp van het in Beschikking nr. 1152/2003/EG, artikel 1, bedoelde geautomatiseerd systeem (hierna „het geautomatiseerde systeem” genoemd).

3. De bevoegde autoriteiten van de lidstaten van verzending verrichten een elektronische controle van de gegevens in het voorlopig elektronisch administratief document.

Indien de gegevens niet in orde zijn bevonden, wordt de afzender daarvan onverwijld in kennis gesteld.

Indien de gegevens in orde zijn bevonden, kennen de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van verzending aan het document een unieke administratieve referentiecode toe en verstrekken zij deze aan de afzender.

4. In de in artikel 17, lid 1, onder a) i), ii) en iv), en b), en lid 2 bedoelde gevallen zenden de bevoegde autoriteiten van de lidstaten van verzending het elektronische administratieve document onverwijld toe aan de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van bestemming, die het doorzenden naar de geadresseerde indien deze een erkende entrepothouder of een geregistreerde geadresseerde is.

Indien de accijnsgoederen bestemd zijn voor een erkende entrepothouder in de lidstaat van verzending, zenden de bevoegde autoriteiten van die lidstaat het elektronische administratieve document rechtstreeks aan hem toe.

5. In het in artikel 17, lid 1, onder a) iii), van deze richtlijn bedoelde geval zenden de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van verzending het elektronische administratieve document toe aan de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de aangifte ten uitvoer is ingediend overeenkomstig artikel 161, lid 5, van Verordening (EG) nr. 2913/92 (hierna de „lidstaat van uitvoer” genoemd), indien dit een andere lidstaat dan de lidstaat van verzending is.

6. De afzender verstrekt de persoon die de accijnsgoederen vergezelt een gedrukt exemplaar van het elektronisch administratief document of een ander handelsdocument waarop de unieke administratieve referentiecode duidelijk herkenbaar is vermeld. Dit document moet op ieder moment van de overbrenging van accijnsgoederen onder een accijnsschorsingsregeling aan de bevoegde autoriteiten kunnen worden getoond.

7. De afzender mag het elektronische administratieve document annuleren zolang de overbrenging nog niet is aangevangen overeenkomstig artikel 20, lid 1.

8. Tijdens de overbrenging onder een accijnsschorsingsregeling kan de afzender de accijnsgoederen via het geautomatiseerde systeem een nieuwe bestemming geven, die een van de in artikel 17, lid 1, onder a) i), ii) of iii), of, indien van toepassing, lid 2 bedoelde bestemmingen moet zijn.

Uitspraken die dit artikel aanhalen