Art. 13 Verordening (EG) nr. 1580/2007, Erkenning van door derde landen vóór de invoer in de Gemeenschap verrichte controles
Verordening (EG) nr. 1580/2007
1. Op verzoek van een derde land kunnen de normcontroles die dat derde land vóór de invoer in de Gemeenschap verricht, door de Commissie worden erkend volgens de in artikel 46 van Verordening (EG) nr. 2200/96 bedoelde procedure.
2. De in lid 1 bedoelde erkenning kan worden verleend aan derde landen die daarom verzoeken en op het grondgebied waarvan de voor uitvoer naar de Gemeenschap bestemde producten voldoen aan de communautaire handelsnormen of aan ten minste daaraan gelijkwaardige normen.
In de erkenning wordt de officiële autoriteit in het derde land vermeld die verantwoordelijk is voor de uitvoering van de in lid 1 bedoelde controles. Deze autoriteit is verantwoordelijk voor de contacten met de Gemeenschap. In de erkenning worden ook de controle-instanties vermeld die belast zijn met de uitvoering van de controles, hierna „de controle-instanties van het derde land” genoemd.
De erkenning heeft uitsluitend betrekking op producten van oorsprong uit het betrokken derde land en kan tot bepaalde producten worden beperkt.
3. De controle-instanties van het derde land moeten officiële of officieel door de in lid 2 bedoelde autoriteit erkende instanties zijn die voldoende garanties bieden dat de controles volgens de in artikel 20, lid 1, bedoelde methoden of gelijkwaardige methoden worden verricht, en daartoe over het nodige personeel en materieel en de nodige installaties beschikken.
4. De lijst van derde landen waarvan de normcontroles op grond van dit artikel zijn erkend, en van de betrokken producten is opgenomen in deel A van bijlage IV. Deel B van die bijlage bevat gegevens over de officiële autoriteiten en de controle-instanties van deze landen, en de modellen voor de in lid 14 bedoelde certificaten zijn vastgesteld in deel C van die bijlage.