Art. 59 Verordening (EG) nr. 1083/2006, Aanwijzing van autoriteiten
Verordening (EG) nr. 1083/2006
1. Voor elk operationeel programma wijst de lidstaat aan:
a) een managementautoriteit: een nationale, regionale of plaatselijke openbare autoriteit of een overheids- of particuliere instantie die door de lidstaat is aangewezen om het operationele programma te beheren;
b) een certificeringsautoriteit: een nationale, regionale of plaatselijke openbare autoriteit of overheidsinstantie die door de lidstaat is aangewezen om uitgavendeclaraties en betalingsaanvragen te certificeren voordat zij aan de Commissie worden toegezonden;
c) een auditautoriteit: een nationale, regionale of plaatselijke openbare autoriteit of overheidsinstantie die functioneel onafhankelijk is van de managementautoriteit en van de certificeringsautoriteit, door de lidstaat is aangewezen voor elk operationeel programma en verantwoordelijk is voor het verifiëren van de goede werking van het beheers- en controlesysteem.
Dezelfde autoriteit kan voor meer dan één operationeel programma worden aangewezen.
2. De lidstaten kunnen een of meer bemiddelende instanties aanwijzen om sommige of alle taken van de beheers- of certificeringsautoriteit onder behoud van de verantwoordelijkheid van deze autoriteit uit te voeren.
3. De lidstaat stelt voorschriften vast waarbij zijn relaties met de in lid 1 bedoelde autoriteiten, alsmede hun relaties met de Commissie worden geregeld.
Onverminderd het bepaalde in deze verordening stelt de lidstaat de onderlinge relaties vast tussen de in lid 1 bedoelde autoriteiten, die hun taken moeten uitvoeren in volledige overeenstemming met de institutionele, juridische en financiële systemen van de betrokken lidstaat.
4. Mits artikel 58, onder b), in acht wordt genomen, mogen sommige of alle in lid 1 bedoelde autoriteiten deel uitmaken van dezelfde instantie.
5. Voor de operationele programma's in het kader van de doelstelling „Europese territoriale samenwerking” worden specifieke beheers- en controlevoorschriften vastgesteld bij Verordening (EG) nr. 1080/2006.
6. De Commissie stelt volgens de in artikel 103, lid 3, bedoelde procedure toepassingsbepalingen voor de artikelen 60, 61 en 62 vast.