Art. 56 Verordening (EG) nr. 1083/2006, Subsidiabiliteit van de uitgaven
Verordening (EG) nr. 1083/2006
1. Uitgaven, ook voor grote projecten, komen in aanmerking voor een bijdrage uit de fondsen als zij daadwerkelijk zijn betaald tussen de datum van indiening van de operationele programma's bij de Commissie of 1 januari 2007, waarbij de vroegste datum bepalend is, en 31 december 2015. De concrete acties mogen niet vóór de begindatum van de subsidiabiliteit zijn voltooid.
2. In afwijking van lid 1 kunnen bijdragen in natura, afschrijvingskosten en begeleidende maatregelen onder de volgende voorwaarden worden beschouwd als uitgaven die de begunstigden voor de uitvoering van concrete acties hebben betaald:
a) de in lid 4 opgenomen subsidiabiliteitsregels bepalen dat deze uitgaven subsidiabel zijn;
b) het bedrag van de uigaven wordt verantwoord door boekhoudkundige stukken met dezelfde bewijskracht als facturen;
c) voor bijdragen in natura bedraagt de cofinanciering uit de fondsen niet meer dan het totaal van de subsidiabele uitgaven met uitsluiting van de waarde van deze bijdragen.
3. Uitgaven komen slechts voor een bijdrage uit de fondsen in aanmerking als zij worden gedaan voor concrete acties waartoe door of onder verantwoordelijkheid van de managementautoriteit van het betrokken operationele programma is besloten volgens de vooraf door het Comité van toezicht vastgestelde criteria.
Nieuwe uitgaven die worden toegevoegd bij een wijziging van een operationeel programma als bedoeld in artikel 33, zijn subsidiabel vanaf de datum waarop het verzoek tot wijziging van het operationele programma bij de Commissie is ingediend.
4. De regels inzake de subsidiabiliteit van de uitgaven worden op nationaal niveau vastgesteld onder voorbehoud van de uitzonderingen die bij de specifieke verordeningen voor elk fonds zijn vastgesteld. Zij hebben betrekking op alle uitgaven die in het kader van het operationele programma worden gedeclareerd.
5. De leden 1, 2 en 3 van dit artikel laten de in artikel 45 bedoelde uitgaven onverlet.