Art. 2 Richtlijn 2006/67/EG
Voor de berekening van het binnenlandse verbruik worden de volgende categorieën producten in aanmerking genomen:
a) autobenzines en brandstoffen voor vliegtuigen (vliegtuigbenzine, brandstoffen voor straalvliegtuigen van het benzinetype);
b) gasoliën, dieseloliën, kerosine (lamppetroleum of lampolie) en brandstoffen voor straalvliegtuigen van het kerosinetype;
c) stookoliën.
Voor de berekening van het binnenlandse verbruik worden bunkervoorraden voor de zeevaart niet in aanmerking genomen.