Art. 12 Verordening (EG) nr. 396/2005, Beoordeling van bestaande MRL's door de Autoriteit
1. Binnen twaalf maanden na de datum van het na de inwerkingtreding van deze verordening genomen besluit tot opneming of niet-opneming van een werkzame stof in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG legt de Autoriteit aan de Commissie en aan de lidstaten een met redenen omkleed advies voor — dat in het bijzonder is gebaseerd op het desbetreffende krachtens Richtlijn 91/414/EEG opgestelde beoordelingsverslag — betreffende:
a) de bestaande MRL's voor die werkzame stof die zijn opgenomen in bijlage II of III bij deze verordening;
b) de noodzaak tot vaststelling van nieuwe MRL's voor die werkzame stof, of tot de opneming van die stof in bijlage IV bij deze verordening;
c) de specifieke verwerkingsfactoren als bedoeld in artikel 20, lid 2, van deze verordening die voor die werkzame stof nodig kunnen zijn;
d) de op die werkzame stof betrekking hebbende MRL's waarvan de Commissie overweegt ze op te nemen in bijlage II en/of bijlage III bij deze verordening, en MRL's die kunnen worden geschrapt.
2. Voor stoffen die vóór de inwerkingtreding van deze verordening waren opgenomen in bijlage I bij Richtlijn 91/414/EEG wordt het in lid 1 van dit artikel bedoelde met redenen omklede advies uitgebracht binnen twaalf maanden na de inwerkingtreding van deze verordening.