Art. 59, Kortingen en uitsluitingen ten aanzien van runderen waarvoor steun is aangevraagd
1. Indien ten aanzien van een steunaanvraag in het kader van de steunregelingen voor rundvee een verschil wordt vastgesteld tussen het aangegeven aantal dieren en het overeenkomstig artikel 57, lid 3, geconstateerde aantal, wordt het totale bedrag van de steun waarop de landbouwer voor de betrokken premieperiode in het kader van die regelingen aanspraak kan maken, gekort met het overeenkomstig lid 3 van het onderhavige artikel te bepalen percentage indien voor niet meer dan drie dieren onregelmatigheden worden vastgesteld.
2. Indien voor meer dan drie dieren onregelmatigheden worden vastgesteld, wordt het totale bedrag van de steun waarop de landbouwer voor de betrokken premieperiode in het kader van de in lid 1 bedoelde regelingen aanspraak kan maken, gekort met:
a) het overeenkomstig lid 3 bepaalde percentage indien dit niet hoger is dan 10 %,
b) tweemaal het overeenkomstig lid 3 bepaalde percentage indien dit hoger dan 10 % maar niet hoger dan 20 % is.
Is het overeenkomstig lid 3 bepaalde percentage hoger dan 20 %, dan wordt voor de betrokken premieperiode de steun waarop de landbouwer overeenkomstig artikel 57, lid 3, in het kader van die regelingen aanspraak zou kunnen maken, geweigerd.
Is het overeenkomstig lid 3 van het onderhavige artikel bepaalde percentage hoger dan 50 %, dan wordt de landbouwer bovendien nogmaals van steun uitgesloten voor het bedrag dat overeenstemt met het verschil tussen het aangegeven aantal dieren en het overeenkomstig artikel 57, lid 3, geconstateerde aantal dieren. Dit bedrag wordt verrekend met de steunbetalingen in het kader van de steunregelingen voor rundvee waarop de landbouwer aanspraak kan maken op grond van de aanvragen die hij indient in de drie kalenderjaren volgende op het kalenderjaar waarin het verschil wordt vastgesteld. Kan het bedrag met die steunbetalingen niet volledig worden verrekend, dan komt het nog uitstaande saldo te vervallen.
3. Voor de bepaling van de in de leden 1 en 2 bedoelde percentages wordt, uitgaande van de runderen waarvoor gedurende de betrokken premieperiode in het kader van alle steunregelingen voor rundvee samen genomen steun is aangevraagd, het aantal van die runderen waarvoor onregelmatigheden zijn vastgesteld, gedeeld door het totale aantal voor die premieperiode geconstateerde runderen.
4. Indien het verschil tussen het aangegeven aantal dieren en het overeenkomstig artikel 57, lid 3, geconstateerde aantal het gevolg is van opzettelijke onregelmatigheden, wordt voor de betrokken premieperiode de steun waarop de landbouwer overeenkomstig artikel 57, lid 3, in het kader van de betrokken steunregeling of –regelingen voor rundvee aanspraak zou kunnen maken, geweigerd.
Is het overeenkomstig lid 3 van het onderhavige artikel bepaalde verschil groter dan 20 %, dan wordt de landbouwer nogmaals van steun uitgesloten voor het bedrag dat overeenstemt met het verschil tussen het aangegeven aantal dieren en het overeenkomstig artikel 57, lid 3, geconstateerde aantal dieren. Dit bedrag wordt verrekend met de steunbetalingen in het kader van de steunregelingen voor rundvee waarop de landbouwer aanspraak kan maken op grond van de aanvragen die hij indient in de drie kalenderjaren volgende op het kalenderjaar waarin het verschil wordt vastgesteld. Kan het bedrag met die steunbetalingen niet volledig worden verrekend, dan komt het nog uitstaande saldo te vervallen.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CBb 20 februari 2014, ECLI:NL:CBB:2014:352
- CBb 2 juli 2010, ECLI:NL:CBB:2010:BN0926
- CBb 4 juni 2010, ECLI:NL:CBB:2010:BM8571
- CBb 1 oktober 2009, ECLI:NL:CBB:2009:BK1198
- CBb 9 april 2009, ECLI:NL:CBB:2009:BI1807
- CBb 29 april 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BD2413
- CBb 16 april 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BD0180
- CBb 21 februari 2008, ECLI:NL:CBB:2008:BC8242
- CBb 11 juli 2007, ECLI:NL:CBB:2007:BB0431
- CBb 7 maart 2007, ECLI:NL:CBB:2007:BA0979
- CBb 8 november 2006, ECLI:NL:CBB:2006:AZ2682