Art. 18 Verordening (EG) nr. 796/2004, Vereenvoudiging van de procedures

Verordening (EG) nr. 796/2004

1. Onverminderd de specifieke bepalingen van de onderhavige verordening en van Verordening (EG) nr. 1782/2003, kunnen de lidstaten toestaan of verlangen dat enigerlei mededelingen overeenkomstig de onderhavige verordening van de landbouwer aan de autoriteiten en omgekeerd worden gedaan met behulp van elektronische middelen. In dat geval worden passende maatregelen genomen om er met name voor te zorgen dat:

a) de landbouwer ondubbelzinnig wordt geïdentificeerd;

b) de landbouwer aan alle in het kader van de betrokken steunregeling gestelde voorwaarden voldoet;

c) de verzonden gegevens betrouwbaar zijn met het oog op een goed beheer van de betrokken steunregeling; indien gebruik wordt gemaakt van de in het gecomputeriseerde gegevensbestand voor runderen opgenomen gegevens, moet bij dat gegevensbestand sprake zijn van de mate van zekerheid en implementatie die nodig is voor een goed beheer van de betrokken steunregelingen;

d) indien begeleidende documenten niet langs elektronische weg kunnen worden verzonden, die documenten door de bevoegde autoriteiten worden ontvangen binnen dezelfde termijnen als die welke gelden bij verzending zonder elektronische middelen;

e) er geen sprake is van discriminatie tussen landbouwers die niet-elektronische middelen gebruiken voor de indiening, en landbouwers die kiezen voor verzending langs elektronische weg.

2. Wat de indiening van steunaanvragen betreft, kunnen de lidstaten onder de in lid 1, onder a) tot en met e), bepaalde voorwaarden voorzien in vereenvoudigde procedures voor het geval dat de autoriteiten reeds over bepaalde gegevens beschikken, en met name voor het geval dat de situatie niet is veranderd sinds de meest recente indiening van een steunaanvraag in het kader van de betrokken steunregeling.