Art. 16 Verordening (EG) nr. 595/2004, Criteria voor de verdeling van een teveel aan heffing
1. In voorkomend geval bepalen de lidstaten de in artikel 13, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 1788/2003 bedoelde prioritaire categorieën van producenten aan de hand van een of meer van de volgende objectieve criteria in volgorde van prioriteit:
a) de formele erkenning door de bevoegde autoriteit van de lidstaat dat de heffing in haar geheel of voor een deel onverschuldigd is geïnd,
b) de geografische ligging van het bedrijf, en in de eerste plaats de ligging in berggebieden in de zin van artikel 18 van Verordening (EG) nr. 1257/1999 van de Raad(4),
c) een maximale veebezetting op het bedrijf die kenmerkend is voor een extensieve dierlijke productie,
d) de procentuele overschrijding van de individuele referentiehoeveelheid,
e) de referentiehoeveelheid van de producent.
2. Indien het in artikel 13, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1788/2003 bedoelde teveel aan heffing dat voor een bepaald tijdvak beschikbaar is, na verdeling volgens de in lid 1 van het onderhavige artikel vastgestelde criteria niet is opgebruikt, stelt de lidstaat na raadpleging van de Commissie andere objectieve criteria vast.
De verdeling van het teveel aan heffing moet uiterlijk 15 maanden na afloop van het betrokken tijdvak van twaalf maanden zijn voltooid.