Art. 28 Richtlijn 2003/54/EG, Verslaglegging
1. De Commissie bewaakt en toetst de toepassing van deze richtlijn en dient vóór het einde van het eerste jaar volgend op de inwerkingtreding van deze richtlijn, en vervolgens jaarlijks een algemeen voortgangsverslag in bij het Europees Parlement en de Raad. In het verslag komen ten minste de volgende punten aan de orde:
a) de ervaring met en de vooruitgang bij de totstandbrenging van een voltooide en volledig operationele interne markt voor elektriciteit, en de resterende knelpunten ter zake, inclusief aspecten van marktdominantie, concentratie in de markt, en marktondermijnend of concurrentievervalsend gedrag, en het effect van deze aspecten op de verstoring van de markt;
b) de mate waarin de voorschriften van deze richtlijn met betrekking tot ontvlechting en tarifering hebben bijgedragen tot het waarborgen van eerlijke en niet-discriminerende toegang tot het elektriciteitsnet in de Gemeenschap en vergelijkbare concurrentieniveaus, alsook de economische, sociale en milieugevolgen van de openstelling van de elektriciteitsmarkt voor afnemers;
c) een onderzoek naar aspecten die te maken hebben met netcapaciteitsniveaus en de zekerheid van de elektriciteitsvoorziening in de Gemeenschap, met name het bestaande en verwachte evenwicht tussen vraag en aanbod, rekening houdend met de fysieke capaciteit voor handel tussen gebieden;
d) er wordt bijzondere aandacht besteed aan maatregelen die de lidstaten nemen in geval van piekbelasting of in gebreke blijven van een of meer leveranciers;
e) de uitvoering van de ontheffing krachtens artikel 15, lid 2, met het oog op een mogelijke herziening van de drempel;
f) een algemene evaluatie van de vooruitgang op het gebied van de bilaterale betrekkingen met derde landen die elektriciteit produceren en exporteren of transporteren, inclusief de vorderingen ter zake van marktintegratie, de sociale en milieugevolgen van de elektriciteitshandel en toegang tot de systemen van die derde landen;
g) mogelijke behoeften aan harmonisatie die niet samenhangen met de bepalingen van deze richtlijn;
h) de wijze waarop de lidstaten de voorschriften inzake energie-etikettering van artikel 6, lid 5, uitgevoerd hebben en de wijze waarop er rekening gehouden is met aanbevelingen van de Commissie op dit gebied.
Waar toepasselijk kan dit verslag aanbevelingen bevatten, vooral voor de reikwijdte en de modaliteiten van de etiketteringsvoorschriften, waaronder bijvoorbeeld de wijze waarop wordt verwezen naar bestaande referentiebronnen en de inhoud van deze bronnen, met name m.b.t. de wijze waarop informatie over de gevolgen voor het milieu tenminste wat betreft CO2-emissies en radioactief afval van elektriciteitsproductie met verschillende energiebronnen op een transparante, gemakkelijk toegankelijke en vergelijkbare manier in de gehele Europese Unie beschikbaar kan worden gesteld, alsook m.b.t. de wijze waarop de in de lidstaten genomen maatregelen ter controle op de nauwkeurigheid van de door de leveranciers verstrekte informatie kan worden gestroomlijnd en maatregelen om de negatieve effecten van marktdominantie en -concentratie tegen te gaan.
2. Om de twee jaar bevat het in lid 1 bedoelde verslag ook een analyse van de verschillende maatregelen die in de lidstaten genomen zijn om aan de verplichtingen tot openbare dienstverlening te voldoen, tezamen met een onderzoek naar de doeltreffendheid van deze maatregelen en met name naar hun gevolgen voor de mededinging op de elektriciteitsmarkt. Waar toepasselijk kan dit verslag aanbevelingen bevatten voor op nationaal niveau te nemen maatregelen om een hoog peil van openbare dienstverlening te bereiken of maatregelen om marktvergrendeling te voorkomen.
3. De Commissie legt het Europees Parlement en de Raad uiterlijk op 1 januari 2006 een gedetailleerd verslag voor over de vorderingen in de totstandbrenging van de interne elektriciteitsmarkt. Het verslag richt zich met name op:
- niet-discriminerende toegang tot het netwerk,
- doelmatige reglementering,
- de totstandbrenging van koppelingsinfrastructuur en de situatie op het gebied van de zekerheid van leveringen in de EU,
- de mate waarin kleine ondernemingen en huishoudens voordeel hebben bij de openstelling van de markt, met name wat de normen voor openbare dienstverlening en universele dienstverlening betreft,
- de mate waarin de markten in de praktijk openstaan voor daadwerkelijke mededinging, inclusief aspecten van marktdominantie, concentratie in de markt en marktondermijnend gedrag of concurrentievervalsend gedrag,
- de mate waarin de afnemers metterdaad van leverancier veranderen en heronderhandelen over tarieven,
- de evolutie van de prijzen, inclusief de prijzen waartegen wordt geleverd, gerelateerd aan de mate van openstelling van de markt,
- de ervaring opgedaan met de toepassing van de richtlijn waar het gaat om de daadwerkelijke onafhankelijkheid van netbeheerders in verticaal geïntegreerde bedrijven, alsmede op de vraag of naast operationele onafhankelijkheid en gescheiden boekhoudingen nog andere maatregelen zijn ontwikkeld die gelijkwaardige resultaten opleveren als juridische scheiding.
Indien nodig dient de Commissie voorstellen in bij het Europees Parlement en bij de Raad, met name om naleving van hoge normen voor openbare dienstverlening te garanderen.
Indien nodig dient de Commissie voorstellen in bij het Europees Parlement en bij de Raad, met name om er voor te zorgen dat de distributienetbeheerders voor 1 juli 2007 volledig en daadwerkelijk onafhankelijk zijn. Zo nodig hebben deze voorstellen overeenkomstig het mededingingsrecht ook betrekking op maatregelen om problemen aan te pakken in verband met marktdominantie, concentratie in de markt, marktondermijnend of concurrentievervalsend gedrag.