Art. 26 Richtlijn 2003/54/EG, Afwijkingen
1. De lidstaten die na de inwerkingtreding van deze richtlijn kunnen aantonen dat zich wezenlijke beheersproblemen voordoen voor hun kleine geïsoleerde netten, kunnen om afwijkingen vragen van de desbetreffende bepalingen van de hoofdstukken IV, V, VI en VII, alsmede, voor geïsoleerde microsystemen, hoofstuk III met het oog op het opknappen, verbeteren en vergroten van de bestaande capaciteit. De Commissie kan hun die afwijkingen verlenen. De Commissie stelt de lidstaten van dergelijke verzoeken in kennis alvorens een besluit te nemen, en houdt daarbij rekening met de eerbiediging van de vertrouwelijkheid. Het besluit wordt in het Publicatieblad van de Europese Unie bekendgemaakt. Dit artikel is ook van toepassing op Luxemburg.
2. Een lidstaat die na de inwerkingtreding van deze richtlijn kan aantonen dat zich om redenen van technische aard wezenlijke problemen voordoen met het openstellen van zijn markt voor bepaalde beperkte groepen van de in artikel 21, lid 1, onder b), bedoelde niet-huishoudelijke afnemers, kan om een afwijking van deze bepaling vragen, die de Commissie hem kan verlenen voor een periode van ten hoogste 18 maanden na de in artikel 30, lid 1, bedoelde datum. De afwijking eindigt in elk geval op de in artikel 21, lid 1, onder c), genoemde datum.