Art. 11 Richtlijn 2003/54/EG, Inschakelen en balanceren
1. Onverminderd de levering van elektriciteit op basis van contractuele verplichtingen, met inbegrip van die welke voortvloeien uit de in aanbestedingen vervatte specificaties, is de transportnetbeheerder, wanneer zulks tot zijn taak behoort, verantwoordelijk voor de inschakeling van de stroomproductie-eenheden in zijn gebied en voor het gebruik van koppellijnen met andere netten.
2. De inschakeling van de stroomproductie-eenheden en het gebruik van koppellijnen geschieden op basis van criteria waaraan de betrokken lidstaat zijn goedkeuring kan hechten en die objectief moeten zijn, bekendgemaakt moeten worden en op een niet-discriminerende wijze moeten worden toegepast om een goede werking van de interne markt voor elektriciteit te waarborgen. De criteria houden rekening met de economische rangorde van de elektriciteit uit beschikbare productie-eenheden of uit koppellijnoverbrengingen en met de voor het net geldende technische beperkingen.
3. Een lidstaat kan de transportnetbeheerder ertoe verplichten om bij het inschakelen van stroomproductie-eenheden prioriteit te geven aan productie-installaties die gebruik maken van hernieuwbare energiebronnen, afvalstoffen of warmtekrachtkoppeling.
4. Een lidstaat kan om redenen van voorzieningszekerheid bepalen dat prioriteit wordt gegeven aan de inschakeling van stroomproductie-eenheden die primaire brandstofenergiebronnen uit eigen land gebruiken, voor zover het hierbij gaat om hoeveelheden die per kalenderjaar niet meer bedragen dan 15 % van de totale primaire energie die nodig is voor de productie van de in de betrokken lidstaat verbruikte elektriciteit.
5. De lidstaten kunnen verlangen dat transportnetbeheerders voldoen aan minimumnormen voor het onderhoud en de ontwikkeling van het transportnet, inclusief koppelingscapaciteit.
6. Transportnetbeheerders kopen, wanneer zulks tot hun taak behoort, de energie die zij gebruiken om energieverliezen te dekken en in reservecapaciteit in hun net te voorzien volgens transparante, niet-discriminerende en op de markt gebaseerde procedures.
7. De door transportnetbeheerders vastgestelde regels voor het balanceren van het elektriciteitsnet, waaronder de regels voor de vaststelling van de tarieven die zij netgebruikers voor verstoringen van de energiebalans aanrekenen, zijn objectief, transparant en niet-discriminerend. De voorwaarden, met inbegrip van de regels en tarieven, voor het verlenen van dergelijke diensten door transportnetbeheerders worden volgens een methode die in overeenstemming is met artikel 23, lid 2, vastgesteld op een niet-discriminerende wijze die de kostprijs getrouw weerspiegelt. De voorwaarden worden bekendgemaakt.