Art. 3 Richtlijn 2003/37/EG, Aanvraag van EG-typegoedkeuring
1. De aanvraag van EG-typegoedkeuring van een voertuig wordt door de fabrikant of zijn gevolmachtigde bij de goedkeuringsinstantie van een lidstaat ingediend. De aanvraag gaat vergezeld van een informatiedossier dat de in bijlage I verlangde inlichtingen bevat.
In geval van EG-typegoedkeuring van systemen, onderdelen en technische eenheden wordt het informatiedossier tevens ter beschikking gesteld van de goedkeuringsinstantie totdat de EG-typegoedkeuring is verleend of geweigerd.
2. In geval van meerfasen-EG-typegoedkeuring dient de aanvrager het volgende te verstrekken:
a) in de eerste fase: de delen van het informatiedossier en de goedkeuringsformulieren die voor een compleet voertuig worden verlangd en die relevant zijn voor de bouwfase waarin het basisvoertuig zich bevindt,
b) in de tweede en daaropvolgende fasen: de delen van het informatiedossier en de goedkeuringsformulieren die relevant zijn voor de lopende bouwfase en een kopie van het in de vorige bouwfase voor het incomplete voertuig afgegeven goedkeuringsformulier. Voorts verstrekt de fabrikant de gedetailleerde lijst van de wijzigingen en toevoegingen die hij in en aan het incomplete voertuig heeft aangebracht.
3. De aanvraag van EG-typegoedkeuring van een systeem, onderdeel of afzonderlijke technische eenheid wordt door de fabrikant bij de goedkeuringsinstantie van een lidstaat ingediend. De aanvraag gaat vergezeld van een informatiedossier overeenkomstig de toepasselijke bijzondere richtlijn.
4. Voor een voertuig, systeem, onderdeel of afzonderlijke technische eenheid mag slechts in één lidstaat een aanvraag van EG-typegoedkeuring worden ingediend. Voor ieder goed te keuren type moet een afzonderlijke aanvraag worden ingediend.