Art. 6 Verordening (EG) nr. 2371/2002, Beheersplannen
Verordening (EG) nr. 2371/2002
1. De Raad stelt, voorzover nodig voor de instandhouding van de bestanden binnen biologisch veilige grenzen, beheersplannen vast voor de exploitatie van de bestanden op of binnen biologisch veilige grenzen.
2. De beheersplannen omvatten instandhoudingsreferentiepunten zoals streefniveaus waaraan wordt getoetst of de bestanden zich binnen deze grenzen hebben gehandhaafd. Artikel 5, lid 2, punten a) tot en met d), is van toepassing.
De beheersplannen kunnen streefniveaus met betrekking tot andere levende aquatische hulpbronnen en de handhaving of verbetering van de staat van instandhouding van mariene ecosystemen bevatten.
Indien er meer dan één streefniveau wordt vastgesteld, vermelden de beheersplannen de volgorde van prioriteit van deze streefniveaus.
3. De beheersplannen worden opgesteld op basis van de voorzorgsaanpak van het visserijbeheer en houden rekening met de grensreferentiepunten die door bevoegde wetenschappelijke instanties worden aanbevolen. Zij moeten waarborgen dat de bestanden duurzaam worden geëxploiteerd en dat de gevolgen van de visserijactiviteiten voor mariene ecosystemen op duurzame niveaus worden gehouden.
Ze kunnen betrekking hebben op zowel de bevissing van afzonderlijke bestanden als de exploitatie van meerdere bestanden door elkaar, en houden naar behoren rekening met interacties tussen bestanden en bevissing.
De beheersplannen omspannen meerdere jaren en vermelden het verwachte tijdsbestek waarbinnen de vastgestelde streefniveaus bereikt worden.
4. De beheersplannen kunnen elke in artikel 4, lid 2, onder d) tot en met i), bedoelde maatregel omvatten, alsmede bevissingsregels die bestaan uit een vooraf vastgesteld samenstel van biologische parameters voor het bepalen van vangstbeperkingen.
De maatregelen die deel uitmaken van de beheersplannen moeten evenredig zijn met de doelstellingen, de streefniveaus en het verwachte tijdsbestek, en worden vastgesteld door de Raad met inachtneming van:
a) de staat van instandhouding van het bestand of de bestanden;
b) de biologische kenmerken van het bestand of de bestanden;
c) de kenmerken van de visserij op de betrokken bestanden;
d) de economische gevolgen van de maatregelen voor de betrokken visserij.
5. De Commissie brengt verslag uit over de doeltreffendheid van de beheersplannen bij het bereiken van de streefniveaus.