Art. 3 Richtlijn 2002/92/EG, Registerinschrijving
1. Verzekerings- en herverzekeringstussenpersonen worden bij een bevoegde autoriteit als bedoeld in artikel 7, lid 2, in hun lidstaat van herkomst in een register of in registers ingeschreven.
Onverminderd het bepaalde in de eerste alinea kunnen de lidstaten bepalen dat verzekerings- en herverzekeringsondernemingen of andere lichamen met de bevoegde autoriteiten kunnen samenwerken voor de registerinschrijving van verzekerings- en herverzekeringstussenpersonen alsmede voor het op die tussenpersonen toepassen van de in artikel 4 bepaalde vereisten. Meer bepaald kunnen verbonden verzekeringstussenpersonen worden ingeschreven door een verzekeringsonderneming of een vereniging van verzekeringsondernemingen, onder toezicht van een bevoegde autoriteit.
De lidstaten behoeven het in de eerste en tweede alinea bedoelde vereiste niet toe te passen op alle natuurlijke personen die werkzaam zijn in een onderneming en een verzekerings- of herverzekeringsbemiddelingsactiviteit uitoefenen.
In het geval van een rechtspersoon schrijven de lidstaten deze in en vermelden zij in het register bovendien de namen van de tot de leiding behorende natuurlijke personen die verantwoordelijk zijn voor het bemiddelingsbedrijf.
2. De lidstaten kunnen meer dan één register voor verzekerings- en herverzekeringstussenpersonen instellen mits zij criteria vastleggen op grond waarvan tussenpersonen worden ingeschreven.
De lidstaten zorgen ervoor dat één loket wordt ingesteld, waardoor een vlotte en snelle toegang tot informatie uit deze verschillende langs elektronische weg beschikbare en te allen tijde geactualiseerde registers mogelijk is. Dit loket biedt tevens de identificatiegegevens van de bevoegde autoriteiten van iedere lidstaat bedoeld in lid 1, eerste alinea. In dit register wordt bovendien aangegeven in welk land of welke landen de tussenpersoon werkzaam is uit hoofde van de vrijheid van vestiging of de vrijheid van dienstverrichting.
3. De lidstaten zorgen ervoor dat de registerinschrijving van verzekerings- en herverzekeringstussenpersonen, met inbegrip van de verbonden verzekeringstussenpersonen, slechts mogelijk is indien aan de in artikel 4 bedoelde vereisten inzake beroepsbekwaamheid is voldaan.
Ook zorgen de lidstaten ervoor dat de registerinschrijvingen van verzekerings- en herverzekeringstussenpersonen, met inbegrip van de verbonden verzekeringstussenpersonen, die niet langer aan die vereisten voldoen, worden doorgehaald. De geldigheidstermijn van de registerinschrijving wordt regelmatig door de bevoegde instanties herzien. Zo nodig stelt de lidstaat van herkomst op passende wijze de lidstaat van ontvangst in kennis van deze registerdoorhaling.
4. De bevoegde autoriteiten kunnen aan de verzekerings- of herverzekeringstussenpersoon een document afgeven aan de hand waarvan elke belanghebbende via raadpleging van het register/de registers als bedoeld in lid 2 kan toetsen of die tussenpersoon naar behoren is ingeschreven.
Dit document vermeldt ten minste de in artikel 12, lid 1, onder a) en b), bedoelde informatie en, wanneer het een rechtspersoon betreft, de naam of namen van de in lid 1, vierde alinea, bedoelde natuurlijke persoon of personen.
De lidstaat verlangt dat het document wordt teruggezonden aan de bevoegde autoriteit die het heeft afgegeven wanneer de verzekerings- of herverzekeringstussenpersoon niet langer ingeschreven is.
5. Ingeschreven verzekerings- en herverzekeringstussenpersonen hebben recht op toegang tot en uitoefening van het verzekerings- en het herverzekeringsbemiddelingsbedrijf in de Gemeenschap, zowel door middel van vrijheid van vestiging als door middel van het vrij verrichten van diensten.
6. De lidstaten zorgen ervoor dat de verzekeringsondernemingen alleen gebruikmaken van de verzekerings- en herverzekeringsbemiddelingsdiensten van ingeschreven verzekerings- en herverzekeringstussenpersonen en de in artikel 1, lid 2, bedoelde personen.