Art. 14 Richtlijn 2002/83/EG, Portefeuilleoverdracht

Richtlijn 2002/83/EG

1. Elke lidstaat verleent, onder de in het nationale recht vastgestelde voorwaarden, de verzekeringsondernemingen waarvan het hoofdkantoor op zijn grondgebied is gevestigd, toestemming om hun portefeuille, ongeacht of deze uit in het kader van vestiging dan wel in het kader van vrije dienstverrichting gesloten overeenkomsten bestaat, geheel of gedeeltelijk over te dragen aan een in de Gemeenschap gevestigde overnemende verzekeringsonderneming, indien de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van herkomst van de overnemende verzekeringsonderneming verklaren dat deze onderneming, mede gelet op de overdracht, de vereiste solvabiliteitsmarge bezit.

2. Wanneer een bijkantoor voornemens is zijn portefeuille, ongeacht of deze uit in het kader van vestiging dan wel in het kader van vrije dienstverrichting gesloten overeenkomsten bestaat, geheel of gedeeltelijk over te dragen, moet de lidstaat van het bijkantoor worden geraadpleegd.

3. In de gevallen bedoeld in de leden 1 en 2 verlenen de autoriteiten van de lidstaat van herkomst van de overdragende verzekeringsonderneming toestemming voor de overdracht, nadat zij de instemming hebben verkregen van de bevoegde autoriteiten van de lidstaten van de verbintenis.

4. De bevoegde autoriteiten van de geraadpleegde lidstaten delen de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van herkomst van de overdragende verzekeringsonderneming binnen drie maanden na ontvangst van het daartoe strekkende verzoek hun advies of instemming mede; indien de geraadpleegde autoriteiten niet binnen deze termijn hebben gereageerd, wordt zulks gelijkgesteld met een gunstig advies of met een stilzwijgende instemming.

5. De overeenkomstig dit artikel toegestane overdracht wordt in de lidstaat van de verbintenis bekendgemaakt onder de in het nationale recht vastgestelde voorwaarden. Deze overdracht kan van rechtswege worden tegengeworpen aan de verzekeringnemers, aan de verzekerden en aan iedereen die uit de overgedragen overeenkomsten voortvloeiende rechten of verplichtingen heeft.

Deze bepaling doet geen afbreuk aan het recht van de lidstaten om de verzekeringnemers de mogelijkheid te bieden de overeenkomst binnen een bepaalde termijn na de overdracht op te zeggen.