Art. 20 Richtlijn 2002/59/EG, Toevluchtsoorden
De lidstaten stellen, na raadpleging van de betrokken partijen en rekening houdend met de toe passelijke IMO-richtsnoeren, plannen op voor de opvang van schepen in nood in de wateren die onder hun jurisdictie vallen. De plannen bevatten - rekening houdend met operationele en milieubeperkingen - regelingen en procedures die nodig zijn om te waarborgen dat schepen in nood, na toestemming van de bevoegde instanties, onmiddellijk naar een toevluchtsoord kunnen varen. Indien de lidstaat het nodig en mogelijk acht, bevatten de plannen ook maatregelen voor de beschikbaarstelling van adequate middelen en uitrustingen voor hulpverlening, redding en antivervuilingsmaatregelen.
De plannen voor de opvang van schepen in nood worden op aanvraag ter beschikking gesteld. De lidstaten stellen de Commissie uiterlijk op 5 februari 2004 op de hoogte van de maatregelen die zij in toepassing van de voorgaande alinea genomen hebben.