Art. 26 Richtlijn 2002/55/EG
1. De lidstaten schrijven voor dat basiszaad, gecertificeerd zaad en standaardzaad slechts in de handel mogen worden gebracht in voldoende homogene partijen en in een gesloten verpakking, die overeenkomstig de artikelen 27 en 28 is voorzien van een sluitingssysteem en een aanduiding.
2. De lidstaten mogen afwijkingen van lid 1 vaststellen voor het in de handel brengen van kleine hoeveelheden ten behoeve van de laatste gebruiker, voor wat betreft verpakking, sluitingssysteem en aanduiding.
3. In afwijking van het bepaalde in lid 1, kunnen de lidstaten hun eigen producenten toestaan mengsels van standaardzaad van verschillende rassen van dezelfde soort in kleine verpakkingen in de handel te brengen. De soorten waarvoor deze bepaling geldt, de maximumafmetingen van de kleine verpakkingen en de etiketteringsvoorschriften worden volgens de in artikel 46, lid 2, bedoelde procedure vastgesteld.