Art. 25 Richtlijn 2001/16/EG
1. Aan de hand van de informatie die de lidstaten verstrekken in het kader van artikel 10, lid 5, en artikel 16, lid 3, alsmede op basis van de technische vakliteratuur en de teksten van relevante internationale overeenkomsten stelt de representatieve gemeenschappelijke instantie een ontwerp op van een referentiekader van technische voorschriften die het huidige interoperabiliteitsniveau van het conventionele trans-Europese spoorwegsysteem waarborgen. Het comité bespreekt het ontwerp en besluit of dit in afwachting van de vaststelling van de TSI's een referentiekader kan vormen.
2. Na aanneming van het referentiekader moeten de lidstaten het comité in kennis stellen van elk voornemen voor de aanneming van nationale bepalingen dan wel de ontwikkeling van elk project op hun grondgebied die afwijken van het referentiekader.