Art. 32 Verordening (EG) nr. 1623/2000, Einde van de opslagperiode
Verordening (EG) nr. 1623/2000
1. Opslagcontracten voor druivenmost, geconcentreerde druivenmost en gerectificeerde geconcentreerde druivenmost vervallen tussen 1 augustus en 30 november volgende op de dag waarop ze zijn gesloten.
2. Opslagcontracten voor tafelwijn vervallen tussen 1 september en 30 november volgende op de dag waarop ze zijn gesloten
3. Met het oog op de bepaling van de vervaldatum van het contract zendt de producent het interventiebureau een verklaring waarin de datum van de laatste dag van het contract wordt vermeld. De lidstaten stellen de bepalingen voor de indiening van deze verklaring vast.
Als een dergelijke verklaring niet wordt ontvangen, wordt 30 november vastgesteld als vervaldatum van het contract.
4. Producenten die niet hebben verzocht om een voorschot op grond van artikel 38 van deze verordening mogen vanaf de eerste dag van de vijfde opslagmaand de druivenmost en de geconcentreerde druivenmost in de handel brengen voor uitvoer of voor de bereiding van druivensap.
In dit geval brengen de producenten het interventiebureau op de hoogte overeenkomstig het bepaalde in lid 3.
Het interventiebureau vergewist zich ervan dat het product daadwerkelijk voor het opgegeven doel wordt gebruikt.