Art. 37 Richtlijn 2000/12/EG, Berekening van het eigen vermogen op geconsolideerde basis

Richtlijn 2000/12/EG

1. Wanneer de berekening op geconsolideerde grondslag dient te geschieden, worden de in artikel 34, lid 2, genoemde bestanddelen voor hun geconsolideerde bedragen in aanmerking genomen overeenkomstig de in de artikelen 52 tot en met 56 vastgestelde regels. Bovendien mogen de volgende creditbestanddelen ("negatieve bestanddelen") voor de berekening van het eigen vermogen met de geconsolideerde reserves worden gelijkgesteld:

- minderheidsbelangen in de zin van artikel 21 van Richtlijn 83/349/EEG als de integrale consolidatiemethode wordt toegepast;

- het eerste consolidatieverschil in de zin van de artikelen 19, 30 en 31 van Richtlijn 83/349/EEG;

- de omrekeningsverschillen die overeenkomstig artikel 39, lid 6, van Richtlijn 86/635/EEG in de geconsolideerde reserves worden opgenomen;

- het verschil dat voortvloeit uit de vermelding van bepaalde deelnemingen overeenkomstig de in artikel 33 van Richtlijn 83/349/EEG beschreven methode.

2. Wanneer bovengenoemde bestanddelen debetbestanddelen ("positieve bestanddelen") zijn, dienen zij bij de berekening van het geconsolideerde eigen vermogen in mindering te worden gebracht.