Art. 44 Verordening (EG) nr. 1260/1999, Toewijzing van de prestatiereserve
Verordening (EG) nr. 1260/1999
1. Elke lidstaat beoordeelt, in nauw overleg met de Commissie, voor elke doelstelling uiterlijk op 31 december 2003 de prestaties in het kader van elk van zijn operationele programma's of enkelvoudige programmeringsdocumenten aan de hand van een beperkt aantal toezichtindicatoren die een beeld geven van de doeltreffendheid, het beheer en de financiële uitvoering, en die de halverwege de looptijd bereikte resultaten meten en deze toetsen aan de initiële specifieke doelstellingen ervan.
Deze indicatoren worden door elke lidstaat vastgesteld in nauw overleg met de Commissie, geheel of gedeeltelijk rekening houdend met een door de Commissie voorgestelde indicatieve lijst van indicatoren, en worden gekwantificeerd in de bestaande verschillende jaarverslagen over de uitvoering alsook in het verslag van de evaluatie halverwege de looptijd. De lidstaten dragen zorg voor de toepassing ervan.
2. Halverwege de looptijd en uiterlijk op 31 maart 2004, wijst de Commissie in nauw overleg met de betrokken lidstaten op basis van de voorstellen van elke lidstaat en rekening houdend met diens specifieke institutionele kenmerken en de daarmee overeenstemmende programmering, voor elke doelstelling de in artikel 7, lid 5, bedoelde vastleggingskredieten toe aan de operationele programma's of enkelvoudige programmeringsdocumenten of hun prioriteiten met een toereikend geacht prestatieniveau. De operationele programma's of enkelvoudige programmeringsdocumenten worden overeenkomstig de artikelen 14 en 15 aangepast.