Art. 33 Verordening (EG) nr. 1254/1999
Verordening (EG) nr. 1254/1999
1. Voorzover nodig om de uitvoer van de in artikel 1 bedoelde producten op basis van de noteringen of de prijzen van deze producten op de wereldmarkt mogelijk te maken en binnen de grenzen die voortvloeien uit de overeenkomsten die zijn gesloten in overeenstemming met artikel 300 van het Verdrag, kan het verschil tussen deze noteringen of prijzen en de prijzen in de Gemeenschap door een restitutie bij uitvoer worden overbrugd.
2. Voor de toewijzing van de hoeveelheden die met restitutie kunnen worden uitgevoerd, wordt de methode vastgesteld:
a) die het best overeenstemt met de aard van het product en met de marktsituatie in kwestie, zodat de beschikbare middelen zo doeltreffend gebruikt kunnen worden, rekening houdend met de doeltreffendheid en met de structuur van de uitvoer van de Gemeenschap, maar zonder dat dit leidt tot discriminatie tussen kleine en grote marktdeelnemers;
b) die, gezien de beheerseisen, administratief het minst belastend is voor de marktdeelnemers;
c) waarmee elke vorm van discriminatie tussen de betrokken marktdeelnemers voorkomen wordt.
3. De restitutie is voor de gehele Gemeenschap gelijk.
Zijn kan variëren naar gelang van de bestemming, indien de situatie op de wereldmarkt of de specifieke vereisten van bepaalde markten dat noodzakelijk maakt of maken.
De restituties worden door de Commissie vastgesteld volgens de procedure van artikel 43. Zij kunnen in het bijzonder:
a) periodiek worden vastgesteld;
b) ter aanvulling en voor beperkte hoeveelheden, via inschrijving worden vastgesteld voor producten waarvoor deze procedure passend lijkt.
Behalve bij vaststelling via openbare inschrijving worden de lijst van producten waarvoor een uitvoerrestitutie wordt toegekend en het bedrag van deze restitutie ten minste eenmaal per drie maanden vastgesteld. Het bedrag van de restituties kan echter gedurende meer dan drie maanden op hetzelfde niveau gehandhaafd blijven en zo nodig in de tussentijd door de Commissie op verzoek van een lidstaat dan wel op eigen initiatief worden gewijzigd.
4. Bij de vaststelling van de restituties worden de volgende factoren in aanmerking genomen:
a) de situatie en de vooruitzichten inzake:
- de prijzen en de beschikbaarheid van de producten van de sector rundvlees op de markt van de Gemeenschap,
- de prijzen van de producten van de sector rundvlees op de wereldmarkt;
b) de doelstellingen van de gemeenschappelijke ordening der markten in de sector rundvlees namelijk te zorgen voor een evenwichtige situatie van deze markten en een natuurlijke ontwikkeling van de prijzen en het handelsverkeer op deze markten;
c) de limieten die voortvloeien uit overeenkomstig artikel 300 van het Verdrag gesloten overeenkomsten;
d) de noodzaak om verstoring van de markt van de Gemeenschap te voorkomen;
e) het economische aspect van de beoogde uitvoer.
Er wordt met name ook rekening gehouden met de noodzaak een evenwicht tot stand te brengen tussen het gebruik van grondstoffen uit de Gemeenschap voor de uitvoer van verwerkte goederen naar derde landen en het gebruik van tot het actieve veredelingsverkeer toegelaten grondstoffen uit deze landen.
5. De in lid 1 bedoelde prijzen in de Gemeenschap worden vastgesteld rekening houdend met:
- de prijzen op de representatieve markten van de Gemeenschap;
- de prijzen bij uitvoer.
De in lid 1 bedoelde prijzen in de internationale handel worden vastgesteld rekening houdend met:
- de prijzen op de markten van derde landen;
- de gunstigste prijzen bij invoer uit derde landen, in de derde landen van bestemming;
- de in de uitvoerende derde landen geconstateerde productieprijzen, in voorkomend geval rekening houdend met de door deze landen toegekende subsidies;
- de aanbiedingsprijzen franco grens van de Gemeenschap.
6. De resitutie wordt uitsluitend toegekend op aanvraag en na overlegging van het desbetreffende uitvoercertificaat.
7. De restitutie bij uitvoer van de in artikel 1 bedoelde producten is het bedrag dat geldt op de dag van de aanvraag van het certificaat en, wat een gedifferentieerde restitutie betreft, de restitutie die op diezelfde dag geldt:
a) voor de op het certificaat aangegeven bestemming; of
b) voor de werkelijke bestemming, indien die verschilt van de op het certificaat aangegeven bestemming. In dat geval mag het toepasselijke bedrag niet hoger zijn dan het bedrag dat geldt voor de op het certificaat vermelde bestemming.
Er kunnen passende maatregelen worden getroffen om te voorkomen dat misbruik wordt gemaakt van de flexibiliteit waarin dit lid voorziet.
8. Voor in artikel 1 bedoelde producten waarvoor restituties worden toegekend in het kader van voedselhulpacties, kan volgens de procedure van artikel 43 van het bepaalde in de leden 6 en 7 worden afgeweken.
9. De restitutie wordt uitbetaald wanneer is aangetoond dat de producten:
- van oorsprong uit de Gemeenschap zijn;
- uit de Gemeenschap zijn uitgevoerd; en
- in geval van een gedifferentieerde restitutie, onverminderd lid 3, onder b), de op het certificaat vermelde bestemming of een andere bestemming waarvoor een restitutie is vastgesteld, hebben bereikt. Van deze regel kan echter worden afgeweken volgens de procedure van artikel 43, behoudens nader te bepalen voorwaarden die gelijke waarborgen bieden.
Bovendien wordt de restitutie bij uitvoer van levende dieren slechts uitbetaald wanneer is voldaan aan de voorschriften van de Gemeenschap inzake het welzijn van dieren en meer in het bijzonder inzake de bescherming van dieren tijdens het vervoer.
10. Onverminderd het bepaalde in lid 9, eerste streepje, wordt tenzij volgens de procedure van artikel 43 in een afwijking is voorzien, bij de uitvoer van dit uit derde landen ingevoerde en opnieuw naar derde landen uitgevoerde producten geen restitutie verleend.
11. De inachtneming van de maxima met betrekking tot de hoeveelheden, voortvloeiende uit de overeenkomstig artikel 300 van het Verdrag gesloten overeenkomsten, wordt gewaarborgd door middel van de uitvoercertificaten die worden afgegeven voor de daarin vermelde referentieperiodes voor de betrokken producten. Wat betreft het nakomen van de verplichtingen uit hoofde van de in het kader van de multilaterale handelsbesprekingen van de Uruguayronde gesloten overeenkomsten, laat het aflopen van een referentieperiode de geldigheid van de uitvoercertificaten onverlet.
12. De uitvoeringsbepalingen voor dit artikel, inclusief de bepalingen betreffende de herverdeling van niet-toegewezen of niet-benutte hoeveelheden die voor uitvoer in aanmerking komen, worden door de Commissie vastgesteld volgens de procedure van artikel 43.
Wat lid 9, laatste alinea, betreft, kunnen de uitvoeringsbepalingen ook voorwaarden inzake met name de invoer in derde landen omvatten.