Art. 2 Richtlijn 1999/62/EG

Richtlijn 1999/62/EG

Voor de toepassing van deze richtlijn wordt verstaan onder:

a) "autosnelweg": een weg die speciaal is ontworpen en aangelegd voor verkeer met motorvoertuigen, zonder zijwegen naar aanliggende percelen, en die

i) behalve op bepaalde plaatsen of bepaalde tijden, is voorzien van gescheiden rijbanen voor beide verkeersrichtingen, welke rijbanen van elkaar gescheiden zijn hetzij door een strook die niet voor het verkeer bestemd is, hetzij, bij uitzondering, op andere wijze;

ii) geen andere weg, spoor- of tramweg of voetpad gelijkvloers kruist; en

iii) door specifieke verkeerstekens als autosnelweg aangeduid is;

b) "tolgeld": een bedrag dat wordt betaald voor een met een voertuig tussen twee punten van een van de in artikel 7, lid 2, bedoelde infrastructuurvoorzieningen afgelegd traject en dat is gebaseerd op de afgelegde afstand en op de categorie van het voertuig;

c) "gebruiksrecht": een bedrag dat recht geeft om met een voertuig gedurende een bepaalde tijd gebruik te maken van de in artikel 7, lid 2, bedoelde infrastructuurvoorzieningen;

d) "voertuig": een motorvoertuig of een samenstel van voertuigen dat uitsluitend bestemd is voor het goederenvervoer over de weg en waarvan het maximaal toegestane totaalgewicht ten minste 12 ton bedraagt;

e) "Euro I-voertuig": een voertuig met de kenmerken vastgelegd in regel A van de tabel in punt 8.3.1.1 van bijlage I bij Richtlijn 88/77/EEG van de Raad van 3 december 1987 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten met betrekking tot de maatregelen die moeten worden genomen tegen de emissie van gasvormige verontreinigingen door dieselmotoren, bestemd voor het aandrijven van voertuigen(10);

f) "Euro II-voertuig": een voertuig met de kenmerken, vastgelegd in regel B van de tabel in punt 8.3.1.1 van bijlage I bij Richtlijn 88/77/EEG.

Uitspraken die dit artikel aanhalen