Art. 4 Richtlijn 98/26/EG

Richtlijn 98/26/EG

De lidstaten kunnen bepalen dat een tegen een deelnemer geopende insolventieprocedure niet belet dat middelen of effecten die op de afwikkelingsrekening van die deelnemer beschikbaar zijn, gebruikt worden om de verplichtingen van die deelnemer in het systeem na te komen op de dag waarop de insolventieprocedure wordt geopend. Bovendien kunnen de lidstaten bepalen dat een met het systeem verbonden kredietfaciliteit verleend aan een dergelijke met het systeem verbonden deelnemer tegen beschikbare zakelijke zekerheden gebruikt wordt om de verplichtingen van die deelnemer in het systeem na te komen.

Vorige artikelen

Volgende artikelen