Art. 18 Verordening (EG) nr. 950/97

Verordening (EG) nr. 950/97

1. De lidstaten kunnen de compenserende vergoeding toekennen aan bedrijfshoofden die ten minste drie hectare nuttig landbouwareaal (NLA) exploiteren en de verbintenis aangaan om gedurende ten minste vijf jaar na de eerste betaling van een compenserende vergoeding een landbouwactiviteit te blijven uitoefenen die beantwoordt aan de doelstellingen van artikel 17. Het bedrijfshoofd kan van deze verbintenis worden ontslagen, indien hij zijn landbouwactiviteit beëindigt en verdere exploitatie van de betrokken oppervlakten gewaarborgd is; hij wordt van deze verbintenis ontslagen in geval van overmacht en met name in geval van onteigening of aankoop ten algemenen nutte. Voorts wordt het bedrijfshoofd van deze verbintenis ontslagen wanneer hij een ouderdomspensioen of een uitkering voor vervroegde uittreding ontvangt.

Voor de Italiaanse regio van de Mezzogiorno, met inbegrip van de eilanden, voor de gebieden in de Franse overzeese departementen en voor de Spaanse, Griekse en Portugese gebieden wordt de minimumoppervlakte NLA per bedrijf evenwel vastgesteld op twee hectare.

2. De lidstaten mogen voor de toekenning van de compenserende vergoeding aanvullende of beperkende voorwaarden vaststellen, zulks ook ten behoeve van de toepassing van methoden die met de vereisten inzake milieubescherming en instandhouding van het landschap verenigbaar zijn.

Vorige artikelen

Volgende artikelen