Art. 38 Verordening (EG) nr. 1239/95, Onderzoek van het verzoek om een dwanglicentie

Verordening (EG) nr. 1239/95

1. De mondelinge behandeling en de bewijsvoering vinden in beginsel te zamen tijdens één zitting plaats.

2. Een verzoek om een nadere zitting is slechts ontvankelijk, indien het op omstandigheden berust waarin zich tijdens of na de zitting een wijziging heeft voorgedaan.

3. Alvorens een beslissing te nemen, verzoekt het Bureau de partijen in de procedure tot een minnelijke regeling inzake een contractuele licentie te komen. Het Bureau doet in voorkomend geval een voorstel voor een dergelijke minnelijke regeling.

Vorige artikelen

Volgende artikelen