Art. 851 Verordening (EEG) nr. 2454/93

Verordening (EEG) nr. 2454/93

1. Onder voorbehoud van lid 3, wordt het inlichtingenblad INF 3 op verzoek van de exporteur door de douaneautoriteiten van het douanekantoor van uitvoer afgegeven bij het vervullen van de uitvoerformaliteiten voor de goederen waarop het betrekking heeft, wanneer deze exporteur verklaart dat de betrokken goederen vermoedelijk via een ander douanekantoor dan het douanekantoor van uitvoer zullen terugkeren.

2. Het inlichtingenblad INF 3 kan eveneens, op verzoek van de exporteur, door de douaneautoriteiten van het douanekantooor van uitvoer worden afgegeven nadat de uitvoerformaliteiten voor de goederen waarop het betrekking heeft, zijn vervuld, mits deze autoriteiten, aan de hand van de inlichtingen waarover zij beschikken, kunnen vaststellen dat de gegevens in de aanvraag van de exporteur met de uitgevoerde goederen overeenstemmen.

3. Voor goederen als bedoeld in artikel 849, lid 1, mag het inlichtingenblad INF 3 slechts worden afgegeven nadat de douaneformaliteiten bij uitvoer in verband met die goederen zijn vervuld, onder hetzelfde voorbehoud als dat bedoeld in lid 2.

Aan deze afgifte is de voorwaarde verbonden:

a) dat vak B van het inlichtingenblad van tevoren is ingevuld en geviseerd door de douaneautoriteiten;

b) dat vak A van het inlichtingenblad van tevoren is ingevuld en geviseerd door de douaneautoriteiten wanneer voorgeschreven is dat de in dat vak voorkomende gegevens moeten worden verstrekt.