Art. 510 Verordening (EEG) nr. 2454/93

Verordening (EEG) nr. 2454/93

1. De vergunning kan slechts worden verleend indien de aanvrager aantoont dat er daadwerkelijk een economische behoefte aan opslag bestaat en indien het douane-entrepot in hoofdzaak is bestemd voor de opslag van goederen, onverminderd de mogelijkheid tot het verrichten van gebruikelijke behandelingen en van be- of verwerkingen in het kader van de regeling actieve veredeling of van de regeling behandeling onder douanetoezicht, onder de in de artikelen 106 en 109 van het Wetboek bedoelde voorwaarden, voor zover deze handelingen niet prevaleren over de opslag van de goederen als zodanig.

2. Voor de toepassing van artikel 86 van het Wetboek wordt voor het beoordelen van de verhouding tussen de uit het toezicht en de controle op het douane-entrepot voortvloeiende administratieve kosten en de economische behoefte aan opslag onder andere rekening gehouden met het type entrepot en de procedures die kunnen worden toegepast.