Art. 401 Verordening (EEG) nr. 2454/93
1. In de vergunning wordt bepaald dat het voor het kantoor van vertrek bestemde vak aan de voorzijde van de aangifteformulieren voor communautair douanevervoer:
a) vooraf wordt voorzien van een afdruk van de stempel van het kantoor van vertrek en van de handtekening van een ambtenaar van dit kantoor, of
b) door de toegelaten afzender wordt voorzien van de afdruk van een speciale, door de douaneautoriteiten aanvaarde metalen stempel die overeenstemt met het model in bijlage 62; deze stempelafdruk mag ook op de formulieren worden voorgedrukt wanneer deze door een daartoe gemachtigde drukkerij worden gedrukt.
De toegelaten afzender vermeldt in dit vak de datum van verzending van de goederen en geeft de aangifte een nummer volgens de aanwijzingen in de vergunning.
2. De douaneautoriteiten kunnen het gebruik voorschrijven van formulieren die, om ze van andere formulieren te kunnen onderscheiden, van een speciaal teken zijn voorzien.