Art. 16 Richtlijn 93/36/EEG

Richtlijn 93/36/EEG

1. Wanneer voor de gunning van een opdracht het criterium van de economische voordeligste aanbieding wordt gehanteerd, mogen de aanbestedende diensten door inschrijvers voorgestelde varianten in overweging nemen voor zover die aan de door deze aanbestedende diensten gestelde minimumvereisten voldoen.

De aanbestedende diensten vermelden in het bestek aan welke voorwaarden deze varianten ten minste moeten voldoen, alsmede hoe deze moeten worden ingediend. Zij geven in de aankondiging van de aanbesteding aan of varianten niet zijn toegestaan.

De aanbestedende diensten mogen een ingediende variant niet verwerpen uitsluitend omdat deze is opgesteld met gebruikmaking van technische specificaties die zijn omschreven door verwijzing naar nationale normen ter omzetting van Europese normen, naar Europese technische goedkeuringen, naar in artikel 8, lid 2, bedoelde gemeenschappelijke technische specificaties, of naar in artikel 8, lid 5, onder a) en b), bedoelde nationale technische specificaties.

2. Aanbestedende diensten die overeenkomstig lid 1 varianten hebben toegestaan, mogen een variant niet verwerpen uitsluitend omdat zij, indien zij werd gekozen, veeleer tot een opdracht voor diensten dan tot een overheidsopdracht voor leveringen in de zin van deze richtlijn zou leiden.