Art. 20

1. De bij het ontstaan van een douaneschuld wettelijk verschuldigde rechten zijn op het douanetarief van de Europese Gemeenschappen gebaseerd.

2. De andere maatregelen die uit hoofde van specifieke communautaire bepalingen in het kader van het goederenverkeer zijn vastgesteld, worden, in voorkomend geval, naar gelang van de tariefindeling van deze goederen toegepast.

3. Het douanetarief van de Europese Gemeenschappen omvat:

a) de gecombineerde nomenclatuur van de goederen;

b) iedere andere nomenclatuur waarin de gecombineerde nomenclatuur geheel of gedeeltelijk of eventueel met toevoeging van onderverdelingen wordt overgenomen en die voor de toepassing van tariefmaatregelen in het kader van het goederenverkeer bij specifieke communautaire bepalingen wordt vastgesteld;

c) de percentages en andere heffingsgrondslagen die op goederen welke in de gecombineerde nomenclatuur zijn opgenomen normaal van toepassing zijn met betrekking tot:

- de douanerechten, en

- de landbouwheffingen en andere belastingen bij invoer die zijn vastgesteld in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid of in het kader van de specifieke regelingen die op bepaalde door verwerking van landbouwprodukten verkregen goederen van toepassing zijn;

d) de preferentiële tariefmaatregelen in de overeenkomsten die de Gemeenschap met bepaalde landen of groepen van landen heeft gesloten en die in een preferentiële tariefbehandeling voorzien;

e) de preferentiële tariefmaatregelen die door de Gemeenschap ten gunste van bepaalde landen, groepen van landen of gebieden unilateraal zijn vastgesteld;

f) de autonome schorsingsmaatregelen waarbij voor bepaalde goederen in een verlaging of een vrijstelling van de rechten bij invoer is voorzien;

g) de overige in het kader van andere communautaire voorschriften vastgestelde tariefmaatregelen.

4. Onverminderd de voorschriften met betrekking tot de forfaitaire heffing, treden de in lid 3, onder d), e) en f), bedoelde maatregelen op verzoek van de aangever in de plaats van de onder c) genoemde, wanneer de betrokken goederen aan de in de eerstgenoemde maatregelen vervatte voorwaarden voldoen. Het verzoek kan achteraf worden ingediend zolang aan de voorwaarden ter zake is voldaan.

5. Indien de toepassing van de in lid 3, onder d), e) en f), bedoelde maatregelen tot een bepaald invoervolume wordt beperkt, neemt deze toepassing een einde:

a) voor tariefcontingenten, zodra het vastgestelde invoervolume is bereikt;

b) voor tariefplafonds, bij verordening van de Commissie.

6. Tariefindeling van goederen is de vaststelling, overeenkomstig de geldende bepalingen, van:

a) hetzij de onderverdeling van de gecombineerde nomenclatuur, hetzij die van een andere, in lid 3, onder b), bedoelde nomenclatuur,

b) hetzij de onderverdeling van enige andere nomenclatuur waarin de gecombineerde nomenclatuur geheel of gedeeltelijk of eventueel met toevoeging van onderverdelingen is overgenomen en die voor de toepassing van andere maatregelen dan tariefmaatregelen in het kader van het goederenverkeer bij specifieke communautaire bepalingen wordt vastgesteld,

waaronder de goederen moeten worden ingedeeld.

Uitspraken die dit artikel aanhalen